Ruimer luisteren tijdens het Festival van Stille Stemmen in Betondorp
Ik kom aan op de Brink. Het is zondag 1 maart 2026, klokslag 12:00 uur. Op het centrale plein van Betondorp ligt mijn vertrekpunt voor het Festival van Stille Stemmen. Een filosofisch festival dat in het teken staat van ‘ruimer luisteren’. Ik wandel door de buurt, woon een live podcast-opname bij en doe mee met de interactieve workshops.
Beroemde Betondorpse buurtbewoners
Ik begin met de wandeling door Betondorp. Mijn gids is Maartje van Dijk, kunsthistorica en trotse buurtbewoner sinds 8 jaar. Dat Johan Cruijff hier is opgegroeid weten de meeste Amsterdammers wel. Maar dat zijn vader er een groentezaak had en de aardappels in de schuur bewaarde? Of wat dacht je van de vader van Gerard en Karel (van het) Reve? Hij schreef voor communistisch tijdschrift De Tribune. Dat werd hem niet door alle Betondorpers in dank afgenomen. En architect van Loghem ging na zijn werk in Betondorp naar Siberië. Om voor het communistisch bewind te bouwen.
En architect van Loghem ging na zijn werk in Betondorp naar Siberië. Om voor het communistisch bewind te bouwen.
Van dominante naar stille stemmen
Na de wandeling schuif ik aan voor de festivalopening in het Kunstlokaal. Initiator en filosoof Renate Schepen van de School voor Stille Stemmen neemt het woord. Ze vraagt ons welke stemmen nu dominant zijn in de samenleving. En om dit met onze buur te bespreken. Mijn buurvrouw en ik noemen het patriarchaat en de negatieve stem van machthebbers. Maar ook: de stem van de lente! Het blijkt een mooi startschot voor een dag vol uitwisseling van ideeën en nieuwe perspectieven.
De wijsheden van straatfilosoof Johan Cruijff
Na de opening is mijn eerste stop bij de buurtkamer van Het Leger des Heils. Hier wordt een live podcast opgenomen over ‘vergeten filosoof’ Johan Cruijff. Renate interviewt de eigenaar van buurtcafé de Avonden. Een ras-Amsterdammer die naar Cruijffiaans voorbeeld lekker rap van tong is. J.P. heeft vanaf het begin dan ook de lachers op zijn hand. Er komen tal van gevleugelde uitspraken langs van Cruijff. Renate wil weten of Cruijffs voetbalideeën in het sociale Betondorp zijn gevormd. Op die vraag lijkt niet 1-2-3 een duidelijk antwoord te geven. ‘Wanneer ben je eigenlijk een filosoof?’, vraagt iemand uit het publiek. ‘Dat zou ik ook wel eens willen weten!’, reageert J.P. direct, tot hilariteit van de hele buurtkamer.
In gesprek met kunstenaar Seandy Achthoven
Mijn volgende workshop is Luisteren in dialoog via kunst, met Seandy Achthoven. Ze opent de sessie met haar prachtige gedicht ‘Klank van verbinding’. De eerste strofe luidt: ‘Heb je al mogen horen hoe verstaan klinkt / wanneer ogen verten zoeken van de horizon / die je samen deelt / in een glanzende vis-á-vis’. Hierna nodigt ze ons uit om bij één van haar kunstwerken te gaan staan. Een werk dat tot ons spreekt. Ik loop direct naar een werk met touwtjes in verschillende kleuren, vormen en maten. Het verwijst naar een oud Surinaams ritueel. Wanneer een naaste overlijdt, meet je jezelf op met een touwtje. Dit leg je in de kist, als spirituele begeleiding. De touwen verwijzen ook naar de verhalen en spirituele banden van Surinames oorspronkelijke bewoners (de eerste koloniale slachtoffers). En naar hoe levenslijnen, kort en lang, heden en verleden, met elkaar verweven blijven. Ik bewonder de openheid en kwetsbaarheid waarmee Seandy in gesprek gaat over haar kunst.
Vliegende poëzie in vliegende vaart
Tot slot woon ik een poëzieworkshop bij, van documentairemaker Christine Pawlata. Ze vertelt over de Nuraghische beschaving op Sardinië. Deze leefde heel vreedzaam samen, in tegenstelling tot de veel bekendere Romeinen en Grieken. Maar ook in deze sessie is er geen sprake van achteroverleunen. Want ik mag samen met mijn tafelgenoten een gedicht maken. In de Sardijnse traditie poesia a bolu (vliegende poëzie). We krijgen het thema ‘school’ toebedeeld. Samen schrijven we: ‘We staan in de klas van ’t leven / Geven, nemen en delen / De wijsheid komt naar ons toe’. We hopen dat we de oude Nuraghiërs eer aandoen.
We sluiten de dag samen af in het Brinkhuis. Met heerlijke soep en een gedicht van Lonneke van Heugten, de stadsdichter van Alkmaar. Deze strofe vat het verbindende karakter van de dag voor mij perfect samen: ‘Uiteindelijk staan we allemaal aan dezelfde kant / Verzamelend op het plein of in de tuin / Wroetend en ontmoetend / Wie meehelpt, mag oogsten’.