Op weg naar de poreuze stad

“Amsterdam ondergaat op dit moment in korte tijd een ongekende transformatie: Amsterdam wordt een 'smooth city'; een effen, gladgestreken, gecontroleerde en gepolijste stad”, schreef ik bijna tien jaar geleden in Amsterdam Alternative. “Alles wat niet voldoet aan het beeld van een rijk, geordend en opgeschoond Amsterdam wordt in rap tempo verwijderd. Sociale huurwoningen maken plaats voor onbetaalbare huur- en koopwoningen, kraakpanden worden ontruimd en vrijplaatsen in hun voortbestaan bedreigd. Waar buurtcentra en kleinschalige voorzieningen moeten sluiten, schieten dure hotels, toeristenappartementen en prijzige horeca als paddestoelen uit de grond.”

Deze observatie van een stad in verandering kreeg destijds veel bijval, en ook toen voelde die nieuwe stedelijke conditie al onontkoombaar: “Deze transformatie van Amsterdam lijkt allesomvattend; bijna elk stukje van de stad moet er aan geloven. Amsterdam wordt een eenzijdige, homogene stad (..) De transformatie van Amsterdam in een 'smooth city' is verstikkend.” Bijna tien jaar later kunnen we stellen dat de smooth city nog verder om zich heen gegrepen heeft: alleen de allerrijksten kunnen nog met gemak een woning vinden, er zijn duizenden hotelkamers in het allerduurste topsegment bijgekomen, de subcultuur is nog net niet de nek om gedraaid, een levendig stuk van de Wallen werd een steriel en opgepoetst ‘design district’, etcetera.

Het inzicht dat de opkomst van de smooth city het einde betekent van de stad als  Gesamtkunstwerk en het begin van de stad als een normatieve uitsluitingsmachine heeft veel stof doen opwaaien

In de tussentijd deed ik verder onderzoek naar het fenomeen, in Amsterdam en verschillende steden wereldwijd. In het gelijknamige boek uit 2023 heb ik de analyse verder uitgewerkt door de belangrijkste oorzaken te duiden en de fundamentele problemen te benoemen. Het inzicht dat de opkomst van de smooth city het einde betekent van de stad als Gesamtkunstwerk en het begin van de stad als een normatieve uitsluitingsmachine heeft veel stof doen opwaaien. Tegelijkertijd heb ik ook een poging gedaan een eerste suggestie te doen hoe het ook anders zou kunnen. In het boek betoog ik dat we niet moeten (terug)verlangen naar de ‘unsmooth city’, als het tegenovergestelde van de smooth city een onveilige, vieze en disfunctionele stad is, maar met elkaar van de ‘porous city’ of ‘poreuze stad’ moeten gaan dromen.

Deze poreuze stad is op geen enkele manier een nostalgie naar het Amsterdam van de jaren '70, ’80 of ’90, maar vooral een oproep aan alle Amsterdammers om samen aan een stad te bouwen die open, eigen, fluïde, collectief, toegankelijk, ambigu, transformatief en solidair is. Hoewel in het idee van de poreuze stad de rol van bewoners centraal staat is er voor het poreuze Amsterdam van de toekomst ook absoluut een rol weggelegd voor het nieuwe college, de nieuwe raad, de nieuwe stadsdeelbesturen, de nieuwe stadsdeelcommissies en al hun ambtenaren. Het is hoopgevend dat meerdere kandidaten de kritiek op de smooth city inmiddels omarmen. Wel zal de praktijk weerbarstig zijn, omdat veel van de stuwende krachten achter de smooth city zich nauwelijks laten temmen.

Zo is het lastig weerstand te bieden tegen de enorme hoeveelheid mensen die uiteindelijk in Amsterdam zouden willen wonen en de druk die dat op de stad legt, of tegen de bredere culturele omslag waarin efficiëntiedenken, optimalisering en controledrang de boventoon voert. Wel kan Amsterdam zich verzetten tegen één van de belangrijkste oorzaken van de smooth city, namelijk de dominante ideologie van neoliberale stadsontwikkeling. Ook al wordt dat voor een groot deel ingegeven door onze mondiale verwevenheid en nationaal beleid uit Den Haag, kan ook hier lokaal veel bereikt worden. Toekomstige stedelijke ontwikkelingen hoeven niet als het verdienmodel van projectontwikkelaars en investeerders te fungeren, de deur hoeft niet wagenwijd opengezet te worden voor roofkapitalisten zoals Booking en Uber, en de stad hoeft niet als een product aangeprezen te worden met achterhaalde campagnes.

Ook kan het geld gehaald worden waar het zit, namelijk bij dit soort bedrijven, eigenaren van miljoenenpanden en kapitaalkrachtige toeristen, en gebruikt worden om daadwerkelijk ongelijk te investeren in gelijke kansen. Dat betekent op z’n minst de 40/40/20 verdeling voor sociale huur, middenhuur en vrije sectorwoningen te handhaven, te investeren in onderwijs en kwetsbare groepen te ondersteunen. Hoewel op grote schaal hotelvastgoed onteigenen niet direct binnen het politieke handbereik ligt, zou het aankopen van beeldbepalende hotel-, kantoor-, winkel- en horecapanden en het teruggeven van die ruimte aan de stad en haar bewoners een goede eerste stap zijn.

Probeer ruimte te maken voor het schurende, het plotselinge, het dissonante, het ongedefinieerde, het andere 

Een dergelijke ideologische heroriëntatie met de bijhorende sociaal-economische herverdeling is cruciaal, maar nog maar het begin. Het is vooral ook een andere mentaliteit die de smoothness kan terugdringen en de stad poreus kan laten zijn. Probeer ruimte te maken voor het schurende, het plotselinge, het dissonante, het ongedefinieerde, het andere. Laat jongeren de Stadhouderskade bezetten als ze willen opkomen voor het klimaat, laat jongeren feestvieren op een kruispunt als Marokko gewonnen heeft. Probeer niet alles in een plan of spreadsheet te vangen. Omarm zelfbedachte groeninitiatieven, onmogelijke straatkunst, toeterende bruiloften en traditionele vreugdevuren. 

 

Voorbij de mogelijkheid laten tot disruptie is het van belang ook meer georganiseerde vormen van pogingen om dingen anders te doen structureel te ondersteunen. Sta zij-aan-zij met de nieuwe generatie Amsterdammers die panden inneemt van cynische vastgoedspeculanten en omtovert tot culturele centra zoals Hotel Mokum, Takland en vele anderen. Maak ruimte voor nieuwe wooncoöperaties, faciliteer nieuwe energie-, voedsel- en zorgcoöperaties. Geef lokale actiegroepen zoals Verdedig Noord maar ook minder goed georganiseerde netwerken zoals de sekswerkers van de Wallen een plek in het centrum van de macht. Maak ruimte voor de zelforganisatie die nog komen gaat.

Tot slot is voor het ontstaan van een poreuze stad cruciaal dat niet alleen onverwachte situaties, nieuwe structuren en andere condities waar mensen aanknopingspunten vinden voor verandering ondersteund worden, maar dat ook de gemeentelijke controlemachine verder teruggedrongen wordt. Voorbij het garanderen van een basisinfrastructuur is het vooral ook van belang de obsessie met orde en perfectie los te laten. Stop de oppoetsmachine en de marketingcampagnes. Stop met camerasurveillance en preventief fouilleren. Stop de allesomvattende en geperfectioneerde inrichting van de publieke ruimte. Ontrafel de scripts, geef de ruimte. Toekomstige stadsbestuurders en raadsleden: sla gaten in de perfecte spiegel van de smooth city, en laat de stad weer ademen.