Waarom we nu toch beter op GroenLinks-PvdA kunnen stemmen
Op 29 oktober aanstaande worden er, bijna twee jaar na de vorige keer, opnieuw verkiezingen gehouden voor de Tweede Kamer. Deze verkiezingen zijn nodig omdat het kabinet-Schoof, nog geen jaar na zijn aantreden op 3 juni, demissionair werd toen de PVV besloot zijn ministers uit het kabinet terug te trekken uit onvrede over het uitblijven van veel strengere asielmaatregelen. Helaas ziet het er nu naar uit dat we een keerpunt hebben bereikt, waarop er geen andere reële opties meer zijn dan je stem uit te brengen op GroenLinks-PvdA.
Trouwe lezers van Amsterdam Alternative weten misschien dat ik nooit een fan van deze partijencombinatie ben geweest. Ik noemde de plannen van GroenLinks en de PvdA om samen te gaan ooit een ‘sterfhuisconstructie,’ en in zekere zin vind ik dat nog steeds. Maar gezien de unieke (en vooral verontrustende) omstandigheden waaronder deze verkiezingen plaatsvinden, voel ik me genoodzaakt op GroenLinks-PvdA te stemmen, en roep ik iedereen op hetzelfde te doen.
Bijna vijftig jaar geleden, op 25 mei 1977 om precies te zijn, heb ik voor het laatst op de PvdA gestemd. De partij had toen onder haar leider Joop den Uyl vier roerige jaren achter de rug met het eerste (en naar uiteindelijk bleek enige) kabinet-Den Uyl. Dat kabinet, het meest progressieve dat Nederland ooit gekend heeft, was ten val gekomen als gevolg van een conflict over de grondpolitiek. De inzet van de verkiezingen van dat jaar was of de koers van het kabinet kon worden voortgezet; de leuze van de PvdA luidde ‘Kies de minister-president.’ De PvdA behaalde vervolgens een historische zege door maar liefst 53 Kamerzetels in de wacht te slepen, een winst van tien zetels ten opzichte van de verkiezingen van 1972. Maar tijdens de kabinetsformatie overspeelde PvdA-onderhandelaar Ed van Thijn zijn hand, waardoor er uiteindelijk geen tweede kabinet-Den Uyl kwam, maar een rechts kabinet van CDA en VVD onder leiding van Dries van Agt.
GroenLinks en de PVV zijn in een nek-aan-nek-race verwikkeld als het gaat om de vraag wie de grootste wordt op 29 oktober, en God verhoede dat dat opnieuw de PVV wordt
Deze deceptie heeft ervoor gezorgd dat ik er vijftig jaar lang niet over peinsde om ooit nog mijn stem uit te brengen op de sociaaldemocraten. Van huis uit was ik (en ben ik nog steeds) overtuigd pacifist, en tot begin jaren negentig kon ik derhalve met een gerust hart op de PSP (Pacifistisch Socialistische Partij) stemmen. Maar in 1991 ging die partij op in GroenLinks, een combinatie met de CPN (Communistische Partij Nederland), de PPR (Politieke Partij Radicalen) en de EVP (Evangelische Volkspartij). Helaas liep dit, voor mij althans, uit op een enorme teleurstelling. De pacifistisch-socialistische idealen van de PSP verdwenen al snel uit zicht, met als voorlopig dieptepunt de goedkeuring die GroenLinks (onder leiding van Jolande Sap) in januari 2011 verleende aan een politiemissie naar Afghanistan.
Waarom nu dan toch mijn oproep om op deze partijencombinatie te stemmen? Daar heb ik een tweetal redenen voor. De belangrijkste is dat een groot zetelaantal voor GroenLinks-PvdA volgens mij de enige concrete mogelijkheid is om een kabinet-Wilders (of een tweede kabinet-Schoof) tegen te houden. GroenLinks en de PVV zijn in een nek-aan-nek-race verwikkeld als het gaat om de vraag wie de grootste wordt op 29 oktober, en God verhoede dat dat opnieuw de PVV wordt. Die kans is er bepaald niet kleiner op geworden door twee gebeurtenissen die zich voordeden in de voorlaatste week van augustus.
Op donderdag 21 augustus stapten de ministers van NSC (Nieuw Sociaal Contract) van Pieter Omtzigt uit het demissionaire kabinet vanwege onenigheid over maatregelen tegen Israel in verband met de genocide in Gaza. En een dag eerder werd een 17-jarig meisje in Amsterdam op brute wijze vermoord toen ze ’s nachts over de Holtenbergerweg in Zuid-Oost naar huis fietste. Twee dagen later werd bekend dat er een verdachte was aangehouden in een nabijgelegen asielzoekerscentrum. Dit is uiteraard een droomscenario voor de PVV, de partij die al jaren pleit voor het dichtgooien van de grenzen voor asielzoekers en die de NSC toch al de schuld in de schoenen had geschoven voor het mislukken van het rechtse kabinet-Schoof.
Ik denk dat het in deze tijd moreel niet langer verantwoord is om op een zogeheten ‘getuigenispartij’ te stemmen, hoe graag ik dat ook zou doen. Uiteindelijk leidt dat immers alleen maar tot de verdere versplintering van links en speelt het (ultra-)rechts in de kaart.
Mijn tweede reden om voor GroenLinks-PvdA te kiezen ligt in het verlengde hiervan. Ik denk dat het in deze tijd moreel niet langer verantwoord is om op een zogeheten ‘getuigenispartij’ te stemmen, hoe graag ik dat ook zou doen. Uiteindelijk leidt dat immers alleen maar tot de verdere versplintering van links en speelt het (ultra-)rechts in de kaart. Maar ik doe dit wel met pijn in het hart. Anja Meulenbelt schreef op Facebook een vernietigend commentaar over het verkiezingsprogramma van GroenLinks-PvdA waar ik het in grote lijnen mee eens ben. Ze zegt dat GroenLinks-PvdA verraad pleegt door een aantal elementen uit de verkiezingsprogramma’s van de PVV en de VVD over te nemen (een ‘migratiesaldo,’ interneringskampen voor ‘kansloze’ asielzoekers). Daar kan ik nog aan toevoegen dat het Oekraïne-standpunt van de partijencombinatie me totaal niet aanstaat. Maar ik ben bang dat de enige manier om hier verandering in te brengen is door ná 29 oktober, als er een kabinet-Timmermans is gevormd, stevige buitenparlementaire druk uit te oefenen op dit kabinet via demonstraties en andere middelen, en – wellicht – door massaal lid te worden van GroenLinks-PvdA om intern te proberen de partijencombinatie van koers te laten veranderen.