Inclusiviteit is ook niet alles
Soms is het fijn als iemand met enige distantie kan reflecteren op wat er in jouw naaste omgeving gebeurt. Daarom vroegen wij Fatima Faïd, gemeenteraadslid in Den Haag, haar ongezouten mening te geven over de hoofdstedelijke politiek.
MG: Kun je iets over jezelf vertellen?
FF: Ik kom uit een heel links nest. Mijn vader was lid van het FLN, dat in Algerije tegen de Franse kolonisator vocht. En mijn moeder kwam uit het Portugese verzet tegen dictator Salazar, een regelrechte nazi die banden had met Hitler-Duitsland.
MG: Je zit in de gemeenteraad van Den Haag voor de Haagse Stadspartij. Kun je iets over die partij vertellen?
FF: De Stadspartij is voortgekomen uit de lokale krakersscene. De partij zet zich in voor democratisering en voor een groene, sociale en creatieve stad. Momenteel heeft de partij drie zetels in de Haagse gemeenteraad.
MG: De Haagse Stadspartij is ook een behoorlijk ‘witte’ partij. Jij bent zelf half-Algerijns en jouw dochter is zwart. Vind je het geen probleem dat de partij niet ‘inclusiever’ is?
FF: Jawel, en ik doe ook erg mijn best om meer mensen van kleur bij de partij te halen. Maar ik vind niet dat je huidskleur in de politiek allesbepalend moet zijn, hoe belangrijk het thema van inclusiviteit en anti-discriminatie ook is. In 2017 stond ik achter Sylvana Simons tweede op de lijst voor de Tweede Kamerverkiezingen van Artikel 1 (nu Bij1), en van de zomer heb ik nog meegeholpen een grote Black Lives Matter-manifestatie te organiseren, hier op het Malieveld in Den Haag. Uiteindelijk weegt voor mij echter het zwaarst waar je politiek precies staat.
MG: In Amsterdam is Touria Meliani namens GroenLinks wethouder van (onder meer) cultuur. Zij zet zich heel erg in voor cultuurspreiding en diversiteit. Maar er is ook kritiek, omdat het er soms op lijkt dat dat nog het enige is dat telt. En haar plan om de Meervaart een nieuw onderkomen te geven in het water van de Sloterplas is bij veel mensen in slechte aarde gevallen. Toch wordt ze daarin juist gesteund door activisten van kleur, die hierin een prestige-object zien dat de hele buurt omhoog kan trekken.
FF: Ik ben niet op de hoogte van dit plan, dus ik kan er ook niet veel over zeggen. Maar in het algemeen is het zo dat mensen van kleur, met name van de tweede generatie, de neiging hebben om het in de maatschappelijke discussie voor elkaar op te nemen. Dat is ook normaal. We moeten daar niet zo moeilijk over doen, ze zijn bezig met een inhaalslag. Ik vind alleen niet dat we altijd maar braaf moeten steunen waar een bestuurder van kleur mee komt, want ook zij kan natuurlijk de verkeerde keuzes maken.
MG: Hoe kijk jij aan tegen de nadruk die in Amsterdam wordt gelegd op de gemeentelijke autonomie?
FF: In principe vind ik dat heel goed. Ik verbaas me er alleen een beetje over dat dat (in Amsterdam) bij GroenLinks vandaan komt. Natuurlijk is Rutger Groot-Wassink veel linkser dan Jesse Klaver, maar ze vertegenwoordigen wel allebei dezelfde partij. Ik vind het heel belangrijk dat de Stadspartij echt een lokale partij is, net zoals bijvoorbeeld Barcelona en Comu (de partij van Ada Colau) in Barcelona.
MG: Tot slot: zie jij jezelf nog wel eens wethouder worden, of in een andere bestuurlijke functie?
FF: Nee, dat kan ik me eerlijk gezegd niet zo goed voorstellen. Ik ben van huis uit activist en anarchist, en dat verhoudt zich toch slecht met een positie van macht. Ik vind het zo nu en dan al moeilijk genoeg om binnen de regels van de gemeentelijke democratie te opereren. Misschien dat ik ooit nog wel eens de overstap zal maken naar een functie waarin ik verantwoordelijkheid draag en een organisatie moet besturen, maar niet als wethouder.