Recent articles
Issue #015 Published: 01-12-2017 // Written by: Julie Dassaud & Tim Sprangers
Instruments make play
INSTRUMENTS MAKE PLAY is een in februari 2017 gestarte expeditie met zelfgecreëerde instrumenten als uitgangspunt. Lukas Simonis (Klangendum), Harco Rutgers (De Perifeer) en Julie Dassaud (Kulter) willen met dit bijzondere project de grote potentie van zelfgecreëerde instrumenten benadrukken en de bekendheid van de makers uitbreiden. Van 1 tot en met 10 december 2017 wordt in Rotterdam, Amsterdam en Deventer het eerste INSTRUMENTS MAKE PLAY Festival gehouden, met exposities, een beurs, een driedaagse workshop, ontmoetingen en uiteraard concerten, waaronder een feestelijke avond in De Ruimte (Amsterdam-Noord) op 3 december.  De Ruimte is de plek waar de samenwerking tussen de drie organisatoren is ontstaan. Na een memorabele, aan zelfbouwelektronica en muzikale bouwwerken toegewijde middag, ontstond het idee van een platform-in-combinatie-met-festival in drie steden. De organisatoren proberen zoveel mogelijk eigenwijze muzikanten te verzamelen, die zich niet laten leiden door het bestaande aanbod aan instrumenten, of die in alle vindingrijkheid zelf hun elektronica samenstellen omdat het bijvoorbeeld financieel aantrekkelijker is. Collecties te bewonderen in SoundLAB en STEIM De zelfbouwelektronica heeft een niet-spectaculair imago en niet altijd vallen de instrumenten en/of hun bespelers op. Een muzikaal bouwwerk wordt snel als kunst gerangschikt en met rust gelaten als kijkobject. Maar tegelijkertijd genereert deze scene een uitermate gevarieerd publiek van belangstellenden met een brede interesse in de unieke, geniale, bizarre, absurde, poëtische, speelse of ook hilarische objecten. Ook op het gebied van geluid en performance kunnen concerten intens intrigeren. Regelmatig betreden « Rare and Strange Instruments » (een referentie aan het gedachtegoed van Nicolas Bras/Musiques de Nulle Part en zijn 500.000+ volgers) culturele vrijplaatsen als Zaal 100, OCCII of Dokzaal. Vorig jaar bracht Samuel Vriezen « The Machine » van Remco Scha weer tot leven in de Vondelbunker. Denk aan een aangestuurde automaat van samenspelende gitaren. Van musique concrète tot Apollohuis bestaat er een rijke traditie aan zelfbouwmuziekinstrumenten, van ambachtelijke constructies van museale omvang, een gesamtkunstwerk van knutselfrutseltjes tot ensembles van DIY synthesizers. In Amsterdam worden twee verzamelingen van fraaie en speelse invented instruments onderhouden. Beide collecties zijn voor publiek toegankelijk tijdens het Festival: SoundLAB op 3 december van 14:00 tot 17:00 en STEIM op 7 december van 19:30 tot 23:00. Expo, Beurs, Feest Meer nog dan de instrumenten zelf, is INSTRUMENTS MAKE PLAY een festival waarin makers en bespelers van zelfgebouwde en uitgevonden instrumenten centraal staan. Het eerste weekend brengt het festival de makers en het publiek samen rond verschillende thema’s en events die de diversiteit van het aanbod en de visie laten zien: een tentoonstelling in Deventer, een beurs in Rotterdam, een ontmoeting met makers en een speelse avond in Amsterdam waarvoor alle deelnemers zijn uitgenodigd. Het tweede weekend bestaat uit drie performanceavonden waarin speciale gasten naast lokale artiesten optreden. De start is in Amsterdam op een vroege donderdagavond, 7 december, in STEIM en de performances worden vervolgd op 8 december in Deventer en 10 december in Rotterdam. Uit het buitenland zijn o.a. te gast.: Grauton (Karen Geyer), Nataliya Petkova en Stephanie Castonguay (StudioXX Montreal), Tapetronic (Alexis Malbert) en Eli Gras. Vanzelfsprekend verwelkomt het festival ook de instrumentenmakers (en hun instrumenten) die veelvuldig in Nederland optreden, zoals Yuri Landman, Pierre Bastien, Peter Zegveld, Toktek, Slumberland en Dianne Verdonk. Zij zullen uitgebreid te zien en te horen zijn, net als de site specific installaties van OHM (Geert Jan Hobijn, Radboud Mens en Gijs Gieskes). Het aantal aanwezige makers reikt tot boven de veertig en is nog steeds groeiende. Benieuwd naar de laatste update? Kijk dan ook vooral naar de laatste artiesten- en programma-updates op de website. www.instrumentsmakeplay.nl Tickets (€10/€5/€0) & Passe-partouts (€25) Tickets (€50) Deelname aan de driedaagse workshop Electricity Matters « build & play your own synth » 29 nov-30 nov-1 dec door Nataliya Petkova, feministisch collectief StudioXX Montreal (inclusief al het materiaal): www.instrumentsmakeplay.nl 1 december DEVENTER 17:00 expo met optredens in Kunstenlab/De Perifeer 2 december ROTTERDAM 14:00-20:00 beurs met showcases in Worm 3 december AMSTERDAM 14:00-17:00 ontmoeting met makers in SoundLAB, 18:00-22:00 feestelijke speelse avond in De Ruimte 7 december AMSTERDAM 19:30 performanceavond in STEIM 8 december DEVENTER 19:30 performanceavond in Kunstenlab/De Perifeer 10 december ROTTERDAM 19:30 performanceavond in Worm   ENGLISH Summary: INSTRUMENTS MAKE PLAY is a platform for musical instruments inventors and players of unconventional instruments who typically embody a do-it-yourself and play-it-together attitude. This community encompasses a very diverse crowd, delivering unique ingenious bizarre absurd poetic playful hilarious musical objects as well as sound-wise and stage-wise intriguing performances. Not to mention the rich DIY noise/circuit-bending and build-your-own-modular-synth adepts. And, moreover, a peaceful movement of activists creating collaborative performances with electronic trash and obsolete technology waste as a statement. The INSTRUMENTS MAKE PLAY Festival takes place from 1 till 10 December 2017 in Rotterdam (Worm), Amsterdam (De Ruimte, STEIM, SoundLAB) and Deventer (Exhibition & Performances in De Perifeer, Kunstenlab). It gathers more than 40 builders, inventors and performers, among which Karen Geyer, Yuri Landman, Stephanie Castonguay, Peter Zegveld, Nataliya Petkova, Pierre Bastien, Jasna Velickovic, Mario van Horrik, Dianne Verdonk, Toktek, Tapetronic, Eli Gras, Jochem van Tol, Jonathan Reus, Anna Mikhailova, Karel van der Eijk, Jan Schellink, KMEX, Paul Tas, Joker Nies, Rob Hordijk, Optical machines. Tickets (€10/€5/€0) & Passe-partouts (€25) Tickets (€50) & Registration for the 3 day workshop Electricity Matters, 29 nov-30nov-1 dec « build & play your own synth » by Nataliya Petkova from the feminist collective StudioXX Montreal (including all material and performance): www.instrumentsmakeplay.nl Photo: Stephanie Castonguay
Issue #015 Published: 27-11-2017 // Written by: Hessel Dokkum
Hoe komt er weer beweging binnen broedplaatsen
Laatst werd op de NDSM een symposium gehouden onder de noemer Making Space. De kern van de discussie spitste zich toe op de vraag hoe ervoor gezorgd kon worden dat broedplaatsen geen ingeslapen plekken zouden zijn na verloop van tijd. De toehoorders mochten meegenieten van de schrik van de sprekers over het feit dat econoom Richard Florida tegenwoordig zelf zijn filosofie dat steden zich moesten gaan richten op de creatieve klasse als economische waarborg, die door Amsterdam 15 jaar geleden werd omarmd, als onzin bestempelde. Het symposium eindigde met de constatering dat er achteraf gezien geen creatieve klasse bestaan heeft, en dat er veel ingeslapen broedplaatsen zijn, terwijl de vraag hoe dit laatste voorkomen kon worden, geen antwoord kreeg.  Men is blijkbaar vergeten dat er al een broedplaatsbeleid was voordat Florida met zijn term ‘creatieve klasse’ ervoor zorgde dat in 2005 het broedplaatsbeleid werd omgevormd van een sociaal experiment naar een kunstenaarsbeleid. Niet voor niets is sindsdien de wethouder van cultuur verantwoordelijk voor het broedplaatsbeleid in plaats van de wethouder ruimtelijke ordening. Ik denk dat er wel een antwoord te geven is op de vraag hoe broedplaatsen levendig gehouden kunnen worden, waardoor ze een meerwaarde voor de stad behouden op het gebied van experiment, sociale en politieke betrokkenheid, en hoe ze reageren op veranderingen. De oplossing is te vinden bij het ontstaan van het broedplaatsbeleid. Het oorspronkelijke stedelijk sociale experiment door middel van het broedplaatsbeleid is ontstaan in 1999 op aangeven van de kraakbeweging. Zij heeft als het paard van Troje haar positieve waarden meegegeven aan de stad middels het broedplaatsbeleid. In Amsterdam werden er rond 1980 veel bedrijfspanden gekraakt. Omdat deze panden geen keukens of sanitair hadden, werden er bij de kraak snel een keuken en een douche gebouwd. De krakers gingen daardoor noodgedwongen in woongroepen leven. Als woongroep zorgden ze ervoor dat het pand bewoonbaar gemaakt werd. Bij lekkages moesten ze zelf letterlijk het dak op. Er waren plenaire vergaderingen waarin iedere gebruiker een stem had. Zelforganisatie en zelfbeheer werden door het kraken van deze panden noodgedwongen geboren.  In Amsterdam zijn ongeveer 200 gelegaliseerde grotere panden. Van deze 200 panden zijn er 175 gelegaliseerd via aankoop door woningbouwcoöperaties. De krakers moesten dan hun pand uit en konden na de verbouwing weer terugkomen als huurders van de woningen. Als er iets stuk was, moest de woningbouwcoöperatie gebeld worden. Al met al was het resultaat dat de huurders over het algemeen apathisch werden omdat hen alle verantwoordelijkheid over de mogelijke invulling van hun omgeving afgenomen was. In 1988 werd de afbraak van de collectiviteit door het afstoten van de eigen verantwoordelijkheid doorzien door een aantal mensen. Door de gemeente werd toen in samenspraak met een aantal krakers de Casco+ regeling opgesteld. Deze regeling zorgde ervoor dat een woningbouwcoöperatie verantwoordelijk werd voor het casco, maar dat de huurders zelf verantwoordelijk werden voor alle inbouw. Als er gedeelde plichten zijn, hoort daar ook bij dat de groep zelf beslist wie hun collectief kan versterken. Voorbeelden zijn Tetterode en de WG-paviljoens, waar behalve gewoond ook gewerkt wordt door de groep. Daarnaast zijn ongeveer 20 panden behouden door middel van eigen aankoop. Voorbeelden zijn Vrankrijk, de Binnenpret, en Zaal 100. In deze panden bepalen de gebruikers hun eigen leefomgeving en dus ook wie er gaan wonen of werken. Deze panden draaien nog steeds op het Do-It -Yourself-principe. Het zijn panden die mee veranderen met de tijd, waar grasdaken en zonnepanelen verschijnen.  Het is duidelijk dat het hebben van gezamenlijke verantwoordelijkheid essentieel is voor het voortduren van zelfbeheer. Collectiviteit is een must. Collectiviteit en zelfbeheer creëren mensen die gaan experimenteren met hun omgeving. Het aannamebeleid bepaalt of een pand zich staande kan houden of niet. Bij een slecht aannamebeleid zakt een pand helemaal weg, de collectiviteit verdwijnt, waardoor de gebruikers zich gaan gedragen als huurders. Om dit laatste te voorkomen zouden binnen deze panden de gebruikers zich elk jaar individueel moeten verantwoorden waarom ze nog steeds deel uitmaken van het collectief en wat hun aandeel daarin is geweest dat jaar. Dit ter voorkoming van de veryuppirisering binnen deze panden. Binnen een collectief wordt men gedwongen om met anderen dingen af te spreken als men wil dat een pand leefbaar blijft. Door collectiviteit kunnen er meer dingen gestalte krijgen dan door individualiteit. De kracht van het collectief is zoveel groter, in collectieve panden kunnen dan ook dingen als debatten, festivals, restaurants, bars, buurtactiviteiten, etc. vorm krijgen. Het leven binnen een collectief pand is één grote ontmoeting. Gedeelde verantwoordelijkheid en gedeelde afhankelijkheid zorgen ervoor dat mensen elkaar tegenkomen en verbintenissen aangaan, waardoor er ook synergie op andere vlakken vaak plaatsvindt.  Verantwoordelijk zijn voor de eigen leefomgeving is natuurlijk een mooi gedachtengoed. Het is echter gebleken dat niet eenieder geschikt is om die verantwoordelijkheid te dragen. Er zijn mensen die niet coöperatief zijn en hun eigen privébelangen voorop stellen. Collectiviteit is bijvoorbeeld voor veel kunstenaars erg moeilijk; ze zijn vaak gericht op het eigen ik en het eigen creëren.  Het broedplaatsbeleid is in 1999 ontstaan naar aanleiding van een gemeenschappelijk raadsadres van verschillende kraakpanden onder het motto “De Stad bloed dood”. Veel kunstinitiatieven sloten zich aan bij dit raadsadres. Krakers zetten zich in de beginfase in om tot een goed broedplaatsbeleid te komen. Ze dachten mee met het Plan van Aanpak Broedplaatsen, waarin collectiviteit, diversiteit, ruimte voor experiment en zelfverantwoording als randvoorwaarden werden opgenomen voor het subsidiëren van nieuwe broedplaatsen. Ook binnen de eerste versie van het CAWA-reglement stonden deze randvoorwaarden hoog in het vaandel. De kraakbeweging gebruikte het broedplaatsbeleid om collectieve panden als OT301, Plantagedoklaan, en Wilhelmina te behouden, en plekken als Xpositron en ook de NDSM te creëren. Het Do-It-Yourself-principe heeft ook geresulteerd in het stadsontwikkelingsmodel ‘De Stad als Casco’. Dit model gaat ervan uit dat mensen de verantwoordelijkheid ten aanzien van de hen omringende omgeving zelf op zich nemen en dat zij zich binnen deze omgeving ontplooien. Het doel is een levendige stad te creëren, waarbij gebouwen en ruimtes casco opgeleverd worden en waarbij een volgende gebruiker er weer zijn/haar eigen invulling aan kan geven. Op de NDSM is dit model leidend bij de bouw van de broedplaatsruimtes. Op de Plantagedoklaan is binnen het erfpachtcontract gesteld dat van de 3000m2 vloeroppervlak er 1200m2 in gebruik moet zijn van kunstenaars, zonder dat daarbij is vastgelegd waar in het pand deze 1200m2 zich zou moeten bevinden. Werkruimtes kunnen daardoor bijvoorbeeld ateliers worden, ateliers kunnen lesruimtes of een kantoor worden, niets staat vast voor het gebruik in de toekomst. Tussen 2006 en 2007 is het broedplaatsbeleid door de gemeente van een sociaalbeleid naar een kunstbeleid omgeturnd waardoor commercialiteit, economische haalbaarheid en starheid de boventoon gingen voeren boven de mogelijkheden die veranderingen met zich meebrengen. Het experiment en de verbinding met de maatschappij zijn sindsdien niet meer belangrijk in broedplaatsen. Er wordt niet meer gezocht naar de zelfverantwoordelijkheid van de gebruiker of huurder. Als er teruggegrepen werd naar de randvoorwaarden van het oorspronkelijke Plan van Aanpak van het broedplaatsbeleid, en als elke gebruiker van een broedplaats jaarlijks aan het collectief zou verantwoorden waarom hij of zij onderdeel wil zijn van dat collectief, dan zouden broedplaatsen weer bruisende plekken worden. De foto’s zijn genomen tijdens NDSM Open - 10 years Art City en het symposium MAKING SPACE, over het betekenis en belang van culturele vrijplaatsen in Amsterdam. Fotografie: Vicky de Visser
Issue #015 Published: 20-11-2017 // Written by: Eric Duivenvoorden
Van wie is de stad
FAIRcity is een Amsterdamse stadsbeweging. Ze is vorig jaar opgericht als een platform van verschillende (buurt)actiegroepen en maatschappelijke organisaties om op te komen voor de toegankelijkheid en de diversiteit in Amsterdam. FAIRcity voert sinds deze zomer een campagne om de verkoop van gemeentelijk vastgoed aan de kaak te stellen. Als uitvloeisel van het program-akkoord van het college van B&W zijn er de laatste maanden tientallen gemeentepanden op de markt te koop aangeboden. Hieronder ook menig pand met een maatschappelijke bestemming. Het zijn voornamelijk voormalige school-  en kantoorgebouwen in het centrum die vaak al decennialang onderdak bieden aan tal van maatschappelijke organisaties. FAIRcity eist het behoud van de panden en de opschorting van het verkoopbeleid. Deze gemeentepanden moeten beschikbaar blijven voor initiatieven die door de oververhitte marktomstandigheden uit de stad verdreven worden. Juist de afgelopen weken kwam een bonte rij sociale en culturele instellingen in het nieuws omdat ze hun plek kwijt dreigen te raken: de ateliers van de Zondagsschilders op de Gelderskade, het Wijkcentrum in de Nieuwe Doelenstraat, de balletschool in de Weteringbuurt, de aula van de begraafplaats Vrederust, om er maar een paar te noemen. En als je even niet oplet is er weer ergens een leuk, vertrouwd winkeltje verdwenen omdat alleen grote ketens de huur nog kunnen opbrengen, zoals op de Haarlemmerdijk. Allemaal zijn de organisaties het slachtoffer van het voortschrijdende proces van steeds verdergaande vermarkting van de stad. Met de verkoop van het publieke bezit stimuleert de gemeente niet alleen deze ontwikkeling, ze zet ook het voortbestaan van de activiteiten van haar huidige huurders onder grote druk.      Maar het zijn niet alleen allerlei voorzieningen die het loodje leggen. Tegelijk wordt namelijk duidelijk dat men erop aanstuurt dat de stad binnen de ring uitgroeit tot het exclusieve domein van de beter verdienende klasse. Op een onlangs gepresenteerd groot nieuwbouwproject op Oostenburg met 1500 woningen is nauwelijks plaats ingeruimd voor sociale huurwoningen. De kritiek die hierop kwam werd door Stadgenoot in een twitterbericht hautain van de hand gewezen:  ‘Wij bouwen sociale en middenhuur. We verkopen kavels aan partijen die voor ‘rijken’ bouwen. Met de opbrengst bouwen wij sociale huur buiten de ring.’ Onder ieders ogen wordt een scherp onderscheid aangebracht tussen de rijke gedeeltes waar de happy few zich kunnen uitleven en de arme stadsdelen ver buiten het centrum. Hoezo tweedeling? Stadgenoot is zich van geen kwaad bewust en verschuilt zich achter het beleid dat in de stad als geheel 40% sociale huur in de nieuwbouw wordt gerealiseerd. Maar ondertussen helpen ze de toegankelijkheid en de diversiteit van grote delen van de binnenstad om zeep. Als hier niets tegen gedaan wordt, zal op termijn sociale verhuur alleen nog buiten de ring gerealiseerd worden. De verdringing die met de gentrificering van de stad gepaard gaat, treedt inmiddels in volle glorie aan de oppervlakte. Vooral nu de crisis voorbij is en de bouw- en investeringswoede om zich heen slaat is goed te zien waar het met de stad naartoe gaat. Maar het stadsbestuur staat erbij en kijkt ernaar alsof het een of ander natuurverschijnsel is. Terwijl juist stevige ingrepen noodzakelijk zijn. In de huidige turbulente omstandigheden mag en kan Amsterdam zich niet langer laten ringeloren door de Haagse politiek. Maar zoals het beleid van het huidige college van burgemeester en wethouders de afgelopen jaren duidelijk heeft gemaakt, hoeft hier van de liberale politieke partijen in het huidige stadsbestuur weinig verwacht te worden. Hun vertrouwen in de vrije markt houdt de stad steeds sterker in een verstikkende wurggreep.   Amsterdam wordt geteisterd door een veelkoppig monster dat alleen met vereende krachten het hoofd kan worden geboden. FAIRcity heeft geen pasklare antwoorden op deze aanvallen. Eén ding weten we wel: als we niks doen gaat de stad naar de gallemiezen. Op allerlei fronten zullen creatieve oplossingen gevonden moeten worden die daadwerkelijk tegenwicht kunnen bieden. FAIRcity zal de komende maanden in de aanloop naar de verkiezingen de vinger op de zere plek blijven leggen en iedereen ondersteunen die zich in wil zetten voor een eerlijke, diverse en toegankelijke stad.      Volg FAIRcity op Facebook, Twitter en www.faircity.amsterdam Meld je aan voor informatie of doe mee: info@faircity.amsterdam Photo: Boudewijn Rückert
Issue #015 Published: 14-11-2017 // Written by: ADEV
Amsterdam Danst Ergens Voor...
Welcome to the underground! We moeten het blijven herhalen, de Nederlandse dance scene is geboren in de underground. Vele huidige ADE goden kregen een kans op plekken ver weg van commercie en regelzucht. In het weekend van het ADE dansen de bezoekers steeds vaker op dezelfde beat en netjes in de maat. Tijdens het ADE zijn het kuddedieren, gaan ze van venue naar venue, als schapen op de Dam. ADEV (Amsterdam Danst Ergens Voor) vierde met een lichte tegenzin zijn 5 jarige bestaan, want de Amsterdamse underground staat zwaar onder druk. Dit jaar ging de manifestatie terug naar haar basis, een schel geluid vanuit de underground. Een harde stem tegen de vercommercialisering van de (dans) cultuur in Amsterdam. Op 21 oktober bracht ADEV het ADM naar het centrum van Amsterdam. Het ADM, als voorbeeld broedplaats in heel Europa, wordt na 20 jaar, bedreigd in zijn bestaansrecht. Want waar tegenwoordig alles in euro’s word gemeten bewijst ADM al 20 jaar dat zelforganisatie, tegendraads denken en onafhankelijkheid leidt tot een unieke aanvulling op het culturele, artistieke en politieke leven van Amsterdam. Het ADM strijdt tegen erkende vastgoed criminelen. De rechter besluit en de politiek is aan zet. Wij vroegen iedereen om zich uit te spreken voor het behoud van ADM, voor het behoud van de underground. Samen met een aantal soundsystems werd deze oerkreet tot ver in de stad hoorbaar. www.adev.nu Photos: peter van bergen henegouwen       
Issue #015 Published: 09-11-2017 // Written by: Tom
18th birthday of the OT301
The OT301 was squatted on the 14th of November 1999 by a group of artists that united themselves in a vereniging called EHBK (Eerste Hulp Bij Kunst). In the past 18 years the collective has gone through a lot of phases because it has never been an easy job to run and maintain a building with a group of people in a democratic way. Running a non-profit organization like the OT301, with all its public programming, artist ateliers and living spaces takes commitment and lots of energy from all its members. It is a responsibility that you have to share because it is too much work for a single person or a small group. Although it hasn’t been easy sharing a building/organization with a mixed group of (inter)national artists and other open minded people, it created a vibe and atmosphere that can not be copied by commercial organizations or so called Broedplaatsen (that are initiated by the city government). Hard work pays off and creates something extraordinary. In places like the OT301 buzz-words like raw and authentic aren’t marketing slogans or styling efforts. It is the real deal! The average outsider or visitor might think that the OT301 has won all its battles since the vereniging bought the building in 2006 and slowly transformed into a well oiled machine but not all is what it seems. It still takes lots of energy and discussions to make the ‘right’ decisions, every day, week or month, again and again. A project like this (luckily) is a never ending project and besides the hard work it is very important to realize that the bricks itself are worth nothing. It is all about the people and the energy that they put into the collective and its activities. On Saturday the 11th of November the OT301 will celebrate its 18th birthday. In this case the 18th birthday does not mean that something is fully grown because the OT301 is in fact a never ending proces and it should always be a playground for those that want to experiment without the pressure of financial success. It can not be emphasized enough that places like this are important for a city that has always been proud to be open minded, creative, liberal and free. On the 11th the OT301 will be open from 13:00 till 05:00 hrs. There will be lots of activities during the day (and night). Let’s celebrate the 18th birthday of an experiment that values collective ownership, autonomy and self management more then anything else.     PROGRAM: ++++++++++++++++++++++++ 4Bid  Gallery (ground floor) From 14:00 hrs 4bid gallery will be open from 14h presenting an archive of event hosted by the space, together with an exposition of works which were made in the OT301 gallery during the weekly Life Drawing sessions. A collection of memories from our program of performances, exhibitions and discussions will be screened, in parallel with drawing sessions throughout the afternoon. We will bring you sweet music, creative freedom, experimental poses, projections, and, of course, a model to draw from. Let us share our passion for making things happen and involving interested people in it. ++++++++++++++++++++++++ Cinema - 19:00-23:00 hrs (2nd floor) Born in 1999 - Free Screenings: 19:00 The Iron Giant 21:00 Existenz Cinema bar open from 18:00-00:00 hrs ++++++++++++++++++++++++ Studios (ground floor) Studio 2 13:00-22:00 hrs: Various activity's, food, drinks, ping pong Studio 1 13:00-14:00 hrs: Aerial kids Okido Yoga class and presentation by: Youth circus OTt301 Max 6 kids sign in by sms or whats app (06-50998032) https://www.facebook.com/Aerial-Kids-Dance-Okido-Yoga-Ot301-844856992237739/ 18:00-18:30 hrs: Presentation of Movement academy OT301 and project Life for life OT301 https://www.facebook.com/Lifeforlifeot301-659825147530864/ 18:30-20:00 hrs: Aerial therapeutics class by: Movement Academy OT301 Max 6 participants sign in by sms or whats app (06-50998032) https://www.facebook.com/Movement.Academy.OT301/ 19:30-23:00 hrs: Aerial and dance improvisation, breakdance + Photo expo from Artistic Aerial photo shooting  at Movement Academy ot301  23:00-05:00 hrs: DJ/Live music night with: Bonnie Li (Live, French duo - Berlin based) Sycomor (Live act, French - Berlin based) Colin DJ’s Klerezooi Power vs Power  K2z3ko no28 Visuals by: Nuns with guns Art by: Royale Belleville/ Studio Inferno III Performance by: Movement academy Ot301 ++++++++++++++++++++++++ Bodlabot (1st floor) 14:15-15:30 hrs: Dance Improvisation Open Class In this class we start working using the floor as our partner to warm up and generate movement possibilities, to then move gradually up and create dances.  More information: https://manuelalucia.com/ 16:00-17:00 hrs: Chi Kung Open Class Chi Kung is an ancient art used in martial art and for health.  This open class is an introduction but also in depth study of a simple act of standing still. The material of the class will be rooted in ancient excercises and postures which are simple and easy to integrate in daily life. The aim of the class is to find esse in standing still, to improve circulation and strengthen the core structure of the body and mind. www.chikungmetizabela.nl ++++++++++++++++++++++++ Peper (ground floor) Sub:terrein DJ’s: Franco Najera and Eskaym (Techno, House, Breaks, Jungle, Dnb) Programming different styles of electronic music on the one night. Mono-cultures are boring. Melt the genre silos. Exhibition: ‘Urban Legends’ collages by Svetlin Velchev. ++++++++++++++++++++++++ Artist: Ruud de Kort (1st floor) Open studio showing work. From 13:00-20:00 hrs ++++++++++++++++++++++++ Anamorphic studios (3rd floor) tba ++++++++++++++++++++++++ Facebook event >>>