Article index
Latest articles
Issue #016 Published: 15-02-2018 // Written by:
De ‘nacht voor de nacht’ een platform voor de nachtcultuur van Amsterdam
Op 24 februari vindt de ‘Nacht voor de nacht’ plaats en wordt de nieuwe nachtburgemester gekozen. AA sprak met Ella Overkleeft over deze avond en de activiteiten van Stichting N8BM A’dam. De nacht voor de nacht wordt georganiseerd door de Stichting N8BM A’dam. Kun je kort uitleggen wat die stichting doet? Stichting N8BM A’dam is opgericht in 2014 en zet zich in voor een veilig, divers en creatief nachtleven. De onafhankelijke stichting is de schakel tussen de gemeente, ondernemers, bewoners en bezoekers van de stad. We geven gevraagd en ongevraagd advies. Wij signaleren trends en ontwikkelingen in het nachtleven en organiseren bijeenkomsten en evenementen ter stimulatie van de dialoog. Daarnaast zetten wij onderwerpen op de politieke agenda om echt verandering teweeg kunnen brengen. Mirik Milan is sinds 2012 nachtburgemeester van de stad en ik ben er in 2013 bij gekomen. In 2014 hebben we samen de stichting opgericht en sindsdien zitten we beide in het dagelijks bestuur. De stichting is opgericht om het nachtburgemeesterschap te professionaliseren en daadwerkelijk invloed uit te kunnen oefenen. De stichting bestaat uit een dagelijks bestuur, raad van toezicht en nachtraad. Daarbij hebben we ook een Club van 100 opgericht. Alle clubs die meedoen aan de ‘Nacht voor de Nacht’ zijn hier lid van, maar een ieder die affiniteit heeft met het nachtleven kan zich hiervoor aanmelden. Het is de backbone van stichting, financieel en qua netwerk.  Er wordt 24 februari een nieuwe nachtburgemeester gekozen. Hoe gaat dat in zijn werk? Ja klopt, die zullen plaatsvinden in de Marktkantine. Alles hierover staat op onze website, we zijn hier heel transparant over. Wat is de taak van de nachtburgemeester? Het gaat vooral om signaleren, verbinden en agenderen. Het nachtleven heeft vaak een slecht imago, men ziet alleen maar de risico’s en lasten. Met name vanuit de gemeente berust er vaak een stigma op de nacht. Gelukkig is er vooruitgang, mede door wijlen Van der Laan, die wel begreep hoe belangrijk de nacht voor een stad is. Als nachtburgemeester is het je taak om de positieve kanten en kansen van het nachtleven uit te lichten en te delen met mensen. Het nachtleven is meer dan alleen maar dansen en drinken, daarom spreken wij ook over ‘nachtcultuur’. In de nacht wordt gebroken met alledaagse conventies, denken mensen in mogelijkheden en daardoor is er ruimte voor creativiteit. Het nachtleven is vaak een voorloper, waar de dag nog veel van kan leren. De meeste van onze lezers zullen de nachtburgemeester associëren met het commerciële uitgaanscircuit en niet met de alternatieve non-profit plekken die bij Amsterdam Alternative zijn aangesloten, is dat terecht?  Nee dat vind ik niet. Het nachtleven van Amsterdam bestaat uit verschillende scenes en wij zijn er voor iedereen. Wij maken onderdeel uit van een Europees project genaamd ‘Enter The Void’ dat zich inzet voor het gebruik van urban space voor underground jongeren en subcultuur. Hiervoor zijn wij op grote schaal bezig met het gentrification vraagstuk dat in alle westerse steden speelt. In het buitenland leren wij over hoe andere steden omgaan met deze problematiek. Ook hebben we onlangs een event (in Sexyland) georganiseerd voor meer experiment in de stad. Er waren verschillende groepen jongeren en politici aanwezig om mee te praten.  Ook zat ik onlangs in een panel over het behoud van de NDSM, en heb ik binnenkort een afspraak met een projectontwikkelaar daar. Zo zijn we altijd bezig om te zien waar er mogelijkheden liggen in de stad en waar we invloed op kunnen uitoefenen. Wij vinden het heel erg belangrijk dat er laagdrempelige, vrije plekken blijven bestaan in de stad.  In hoeverre is de alternatieve scene gebaat bij een nachtburgemeester en de stichting N8BM?  Wij geloven dat elke scene gebaat is bij een nachtburgemeester. Maar de tijd is beperkt en er zijn honderden thema’s waar je je mee bezig zou kunnen houden. Daarom is het belangrijk dat mensen van zich laten horen, wat willen zij op de agenda zetten van de nachtburgemeester? Kijk naar de gewone burgemeester die houd ook rekening met de behoeften van de inwoners van de stad. Bottom-up citymaking is volgens ons erg belangrijk. Wij hebben inmiddels een groot netwerk opgebouwd en kunnen de stem versterken van een ieder die dat wil. Wat vinden jullie van de alternatieve scene in Amsterdam? Wij vinden dat deze best wat groter mag groeien. Amsterdam heeft de neiging om zich als monocultuur te ontwikkelen. Dit is niet per se alleen gaande in het nachtleven, het is onderdeel van een grotere sociaal-maatschappelijke ontwikkeling. Wij supporten alle DIY initiatieven. Deze initiatieven zijn belangrijk voor de stad en laten aan jongeren zien dat het ook anders kan. Wij zijn nauw betrokken bij de ontwikkeling van het nieuwe evenementenbeleid voor Amsterdam. Hier pleiten wij voor meer aanwas van onderaf. Biedt ruimte voor alternatieve projecten en niet alleen aan de grote reuzen.  Wat vinden jullie van het toenemende toerisme en gentrificatie in Amsterdam? Wat heeft dat op de langere termijn voor effect op de zogenaamde ‘creatieve’ stad? Wij geloven dat culturele diversiteit goed is voor sociale inclusiviteit. Ik maak me persoonlijk zorgen over het ontstaan van een monocultuur, waarin verdraagzaamheid richting anderen ver te zoeken is. Wat betreft het toerisme geloven wij dat sustainable tourisme, kwalitatief toerisme beter is voor een stad, geen consumentisme. Een gemeente zou zich hier op kunnen focussen door het beleid aan te scherpen. Meer geëngageerde bezoekers levert een ander soort dynamiek op tussen de inwoners en bezoekers van een stad. Met onze stichting focussen we daarom altijd op kwaliteit. Een club met eigen programmeur is bijvoorbeeld van meer waarde voor de stad dan een verhuurschuur. Dus waar geef je gezien de beperkte ruimte de voorkeur aan? Dat soort dingen moet je je als gemeente afvragen.  Wat heeft het gebrek aan vrijplaatsen en autonome zones voor effect op Amsterdam? We stonden ooit bekend om het liberale ruimdenkende karakter maar dat brokkelt steeds verder af. We worden steeds bureaucratischer en conservatiever. Diversiteit veranderd langzaam maar zeker in een saaie monocultuur. Is dat niet zorgelijk?  Ja dit is zorgelijk. Als nachtburgemeester (lees onafhankelijke stichting) heb je de mogelijkheid om de luis in de pels van de gemeente te zijn, tegen het beleid in te gaan en zaken als autonome zones op de kaart te zetten. Ik was laatst nog te gast op ADM dus de connecties zijn er zeker. Wij proberen met alle betrokkenen de dialoog aan te gaan. Volgens ons is een dialoog nodig om tot resultaten te komen. Wij verbinden partijen met elkaar, zodat men samen sterker kan zijn. Wat ik gemerkt heb is dat voorstanders van vrijplaatsen in de stad nogal gefragmenteerd zijn en los van elkaar actie voeren. Ik geloof dat dit sterker en georganiseerder kan. Fair city is bijvoorbeeld een mooi initiatief en volgens mij groeit die organisatie flink. Dat zegt dat het de mensen bezig houdt en zorgen baart. Daarom heb ik ook wel vertrouwen in een tegenbeweging. Het lijkt vaak alsof de politiek geen lange termijn visie heeft en vooral bezig is met het scoren op korte termijn. Doordat alles steeds duurder wordt en er straks geen plekken meer zijn waar jong talent zich kan ontwikkelen en kan experimenteren verdwijnt er steeds meer creativiteit en diversiteit uit de stad. Denken jullie hier ook over na? Zeker, en op verschillende vlakken zetten wij ons hier voor in. Wij zijn bijvoorbeeld bezig met een project voor etnische inclusiviteit tijdens uitgaan, want er wordt nog steeds gediscrimineerd. Het nachtleven is vaak niet anders dan de dag, maar er is gelukkig meer plek voor experiment en progressiviteit dus daar moeten we gebruik van maken om verandering teweeg te brengen. Er zouden wat ons betreft ook meer kleine clubs met 24 uurs vergunning moeten komen. Plekken die toegankelijk zijn en waar experiment mogelijk is. Zijn er dingen die jullie missen in het Amsterdamse uitgaansleven? Of dingen die radicaal anders zouden moeten? Ja, het nachtleven is teveel gesegregeerd. Inclusiviteit is een heel belangrijk thema. Dat willen wij ook doorgeven aan de nieuwe nachtburgemeester.  Een van de dingen die jullie doen is het organiseren van de ‘Nacht voor de Nacht’. Wat is dat voor avond en wat is het doel ervan? We willen vooral een platform bieden aan de nachtcultuur van Amsterdam. Met name het uitlichten van de nachtclubs die de foundation vormen van het nachtleven van een stad en dé plek zijn voor talentontwikkeling, creativiteit en subcultuur. Dit jaar zijn de thema’s van de ‘Nacht voor de Nacht’ vernieuwing en talentontwikkeling. Dat zijn mooie thema’s. In hoeverre is er nog vernieuwing? En wat gebeurd er tegenwoordig aan talentontwikkeling in de stad? Er is altijd vernieuwing, net zoals dat verandering de enige constante factor is in het leven. Er zijn heel veel jonge promotors met hun eigen concepten aan de weg aan het timmeren. Zij zorgen voor constante vernieuwing maar zijn ook altijd op zoek naar hun plek in de stad om hun achterban op te bouwen en zich verder te ontwikkelen. Mensen beseffen vaak niet wat voor belangrijke drive het nachtleven is voor de totale creatieve industrie, van fashion, tot aan reclame, het is allemaal verweven met het nachtleven. Vanuit een andere invalshoek is het nachtleven ook de plek voor nieuwe en onconventionele ideeën. Ik hoef denk ik niet uit te leggen dat bijna alle subculturen uit de nacht ontstaan zijn uit een vorm van activisme, het afzetten tegen de maatschappij waar in geleefd werd (house muziek, jazz etc.). Dit kan nog steeds! Ook al lijkt het soms alsof het allemaal 1 pot nat is. Ik bedoel, kijk naar jullie krant en alle activiteiten die in lijn met dit gedachtengoed worden georganiseerd. Neemt niet weg dat ik wel vind dat er in de huidige populaire cultuur meer ruimte mag zijn voor activisme. Maar als we dit ergens gaan vinden is het waarschijnlijk in de nacht. Van wie moet de vernieuwing in een stad komen? De gemeente, jullie stichting of van kleine initiatieven en mensen die durven te experimenteren? Natuurlijk van onderaf. Maar je hebt de top-down structure ook nodig om het te kunnen faciliteren. It works both ways. Daarom is die dialoog zo belangrijk. Je zult tijd en energie moeten steken in het aangaan van het gesprek en mensen inzicht proberen te geven in hetgeen jij belangrijk vindt. Tijdens de nacht voor de nacht zal er aandacht zijn voor het multidisciplinaire aspect van clubs. In hoeverre zijn clubs multidisciplinair? Wat zou er verbetert kunnen worden? Een club is alleen al multidisciplinair als je kijkt naar de organisatie: decor, lichtman/vrouw, dj/vj etc. Het is een podium waar je van alles kunt programmeren en uitproberen! Dat is toch helemaal geweldig. Met ‘Nacht voor de Nacht’ willen wij de clubs uitdagen om naast hun muziek programmering iets extra’s te doen, denk aan bijvoorbeeld een performance of een lichtinstallatie. Juist omdat er zoveel ruimte in de stad verdwijnt zijn clubs belangrijke plaatsen voor experiment. In clubs is vaak de ruimte voor jongeren/subculturen om zich te uiten en ontwikkelen. Wat voor andere projecten kunnen we verwachten van de stichting in 2018? Een project voor meer etnische inclusiviteit in het nachtleven (samen met het MDRA Meldpunt discriminatie Ams) Een project tegen het homogeweld. Een Nachtdebat, een aantal weken voor de gemeenteraadsverkiezingen van 21 maart. Nacht voor de Nacht 2019. Verder is het aan de nieuwe n8bm om zelf haar/zijn eigen projecten te ontwikkelen.  24 februari 2018: Nacht voor de Nacht Platform voor Amsterdamse nachtcultuur, met 1 kaartje naar meer dan 25 clubs. 24 februari 2018 Nachtburgemeester verkiezing www.facebook.com/events/136265767053204 Iedereen kan nog stemmen nachtburgemeester.amsterdam/stem2018/ Voor meer info:  http://nachtburgemeester.amsterdam
Issue #016 Published: 05-02-2018 // Written by: Driekus Goeileven
Circular Living. An ADMer’s Guide to Spiritual Survival in Amsterdam’s Political Wastelands.
The ADM, an old, abandoned shipyard in the industrial desert to the west of Amsterdam, is home to all kinds of birds, trees and other plant-and animal wildlife as well as a flourishing, self-organised community of artists, artisans and other such people as don’t fit the current economical paradigm.  A practical and well-functioning little ‘anarchist’ society if you will, though ‘anarchism’ has somewhat lost it’s meaning here for lack of it’s opposite. Now, obviously, the existence of such a place does not sit well with proponents of the idea that the world should be first and foremost a profitable place. Prolonged existence of ADM may well induce some to re-evaluate their profit-seeking values. Which is not generally a profitable thing to do. Killing the forest and evicting its inhabitants generally is. Unsurprisingly, the ‘profiteers’ as we shall call them here, whilst essentially subscribing to the same world-view, do not necessarily agree on whom the world should be profitable to. From this rather inevitable discord politics and banking, religion and other forms of violence sprang forth, as did the current-day battle over ADM. Towards the end of the year 2017 some of us found ourselves attending a public hearing at the Amsterdam City Hall, the stated goal of which was to provide clarity on the meaning of a single clause in the original contract of purchase of the ADM-terrain.**  It was the peculiarly insincere behaviour observed in some of the city Councillors during this hearing that inspired the author of this piece to try to find some reasonable, preferably widely-applicable explanation for said type of behaviour, and to share his findings in the essay below. May it serve to enlighten those who, like the author, are oftentimes baffled by the intricacies of the profit-seeking mind. The first question was... why Seeing, from up-close, these so-called politicians, lying flat out, blind and deaf (or even violent) to anything that doesn’t suit their intended results, or hearing them accuse others of doing what they themselves were in that very moment extremely guilty of, both surprised and saddened me. As a human being, I was expecting other human beings, no matter their faults, to possess or at least to portray some semblance of decency, dignity, or honesty. I was mistaken. How could this be? Are they not human? Where is their spirit? Love? Why do they not care? The answer to these questions was, at first, equally surprising. Then I remembered what i had previously learned about modern day economics. Introduction to the circular ‘economy’ To the result-oriented mind, life is simple. What do I want? I want to feel great! The quickest and therefore best way to meet this target is of course cocaine. Readily available, in quantities large and small, it is a reliable source of ‘feeling great’. However, as always, there is a catch. Money. In order to obtain coke, one needs cash, dough, dollar or some such substance. Money, for the sake of this article, was invented to make sure everyone, that is, everyone who is or wants to be a Someone, will receive his or her fair share of cocaine, provided they are willing to do whatever it is that will make those who produce money, or have lots of it, willing to part with some of it. Since cocaine is an expensive commodity, we can rule out ‘an honest day’s work’ to be an efficient way of providing sufficient funds to keep on ‘feeling great’. We need to up our game a bit.  History and the world around us teach the observant and the subservient alike  that services such as lying, cheating, banking, and lawyering are highly valued by those who are in a position to allocate funds. It may seem funny that it should be this way, but keep in mind that this system has been going for a while, and those doling out the credits are more than likely liars, bankers and lawyers themselves. They are simply trying to re-create the world in their own image. A very human thing to do. Now, for those who have learned to lie, cheat or even kill when told to do so, the future is very likely to have lots of ‘feeling great’ in it. In disregard of the outside consequences they will do as they are told in order to receive credits, which they will then hand back to what is in essence the same organisation, in exchange for more ‘feeling great’. They have met their target, they will do so again the next day.*** Analysis What we have here is a nice example of a ‘Circular Economy’. It is, alas, also a fair description of a large and extremely wasteful part of the ‘economy’ as we know it today. Be not fooled, ye who wish to learn and and acquire knowledge, into thinking that in order to understand our modern human ‘economy’ we need to learn about swaps, shorts, futures, mortgages,  theories of money and interest or any such contrivances. There is only human behaviour. Human behaviour is easily influenced. Many ways of influencing or ‘controlling’ human behaviour were invented over the years. Religion, blackmail, facebook, indoctrination, intimidation, government, taxes, centralisation of control over resources, schooling, newspapers, media in general, on and on, blahdiblah. As it happens, the most effective way to steer human behaviour so far has been the creation of the concept of money. Whether it actually exists or not, it (or the promise of it) does have a profound influence on an individual’s perception of the world, in a way very similar to the effects of cocaine. Such is its power that many  will give up much of what makes them human just to get it. Like cocaine, it will silence the conscience. Like cocaine, its ‘positive’ effects are temporary and individual. It’s less pleasant, negative effects however are more lasting and always shared. Conclusion Big money and cocaine today are pretty much synonymous. Together they  pretty much form a closed system: once you enter, no way out. These people then, no longer have room for logic, or sympathy, let alone empathy. No room for admitting they were wrong either. Why would they even want to? After all, they ‘feel great’. What now It’s no use debating an addict, nor a parrot taught but one word. This would seem to become especially problematic when these parrots are placed in ‘positions of power’. But, and this really is the bright side to this story, only for as long as we believe that ‘positions of power’ actually exist.  I’ve certainly never seen one. The closer you get, the less solid they appear. Like a mirage. Denying or fighting the existance of such ‘positions of power’ will not, of course, make them disappear. Acknowledging the fact that the basis for their existence lies within our own minds, on the other hand, may well be a logical first step in the direction of a less convoluted world. In the meantime, I say fuck this circular ‘economy’, it’s circular LIVING that matters and I will do so as best I can, with my neighbours here on ADM! Driekus is a long-time inhabitant of ADM. Mostly voluntary. His favorite saying is ‘Language speaks for itsself, no need to say anything’, though that changes by the day. To contact Driekus  you can call him, but he does not answer to anyone. **This clause, allowing only for the establishment of a large-scale shipyard,  represents a value in today’s currency of many tens of millions. Were this clause to be lifted (as has been tried), forgotten or distorted (as seems to be the current strategy), these millions would quickly flow to the owner/profiteers. If left intact, the profiteers will have no choice but to hand the ownership back to the city of Amsterdam, meaning they will have to settle for a much smaller profit of perhaps ten million or thereabout.  *** Disclaimer: Driekus is not advocating the use of money, drugs or politics to anyone. They are dangerous substances, especially so in the hands of professionals. Do NOT mix. Use extreme caution when handeling.
Issue #016 Published: 25-01-2018 // Written by: Clara Davies
Minds of Amsterdam
Minds of Amsterdam is a new AA column in which Clara Davies lets us meet a different artist working in Amsterdam each time. This might be someone she’s randomly encountered, someone who has triggered her curiosity or has somehow impressed her. It could be a painter, designer, musician or photographers – it doesn’t matter as long as she or he is a soul whose creative work adds a touch of magic to this world. The purpose? Using AA as a platform where people and art can meet. Enjoy! Deniss Mitjusevs and the Kinetics of Painting  I met Deniss over coffee, and a whiskey or two, somewhere in between the Monday blues, and the wee hours of Friday night. Perhaps both. Originally from Latvia, he moved to Amsterdam over a year ago with the intention of finding that je ne sais quoi I tend to believe the artistic minds feed on. Amongst writing and currently finishing off a screen play, he paints the concrete and the abstract. Shapes, forms and lines that make you feel as if you were walking through the inner depths of a man’s soul. Fascinated by the numerous canvas he’s stacked in his room, I decided to interview him. His work is original and charismatic, different, just like him. In art as in life, I guess ones creation is inevitably linked with the thoughts that travel through the webs in the mind.  Who are you? I don’t know. The first waking second of every morning decides who I am. The breeze that comes in from the sea, the laughter over a few whiskeys, the drive for some form of success and recognition – they all decide and morph the individual that is writing this.  What is an artist made of? An artist is made of a relentless drive to test the boundaries of an individuals’ existence. Artistry in any form, in my opinion, is the manifestation of ones’ individuality, a certain aspect of human existence that most of us pay attention to and value. Both the freedom and burden of being seen apart from the rest, and the way such burden is carried is the force that holds an artist together. Why do you paint and what do you feel when you do so? Painting is the most kinetic form of creation. Dance can rival the pure physical expression, but I wouldn’t call myself an expert, at least not when I am sober. There is no thinking in painting, there isn’t any time nor space. Painting is doing. It is letting your body speak. Letting your mind go of any restriction. It is free. Romeo or Juliet? Romeo. To go such lengths for an idea of love, and to die for it requires a certain bravery and idiocy that I wholesomely respect. Would you like to make a living out of painting? Not a painter. Apart from the realistic considerations of our time, painting, although it is free, has its limitations. If you see yourself as a storyteller, if you think you have something to say, painting might not be the best choice of medium to impart the public with your ideas. Making a living off of selling your art also involves the kind of gallery public that I grew to dislike quite severely. Name the first piece you created. When I was about four or five, my mother gave me a set of markers. It might not have been the best idea, since I proceeded to draw all over the fresh wallpaper of my small room. But once my first act of vandalism was over, I turned to paper. After a few haphazard attempts at drawing cartoon characters that I frequently saw on the television, I drew a geometric pattern that resembled a city. I think I have used every color in the set. From then on, the art that I produced was inspired by and followed the same style. Maybe admitting the fact that my painting skills haven’t progressed far from a four year olds isn’t exactly a good thing, but the inspiration and childlike wonder that I experienced while drawing that first true “piece” is still within me. What gets in the way your inspiration? I have been told numerous times that only boring people are bored. I tend to disagree. Boredom infects everyone, and from my knowledge, creative people of all strides tend to get bored rather quickly. An overactive mind, a search and inability to get inspired, a restlessness, it is all boredom, and boredom is the poison of inspiration. It is the conscious decision to do nothing, and doing nothing about it. Best meal ever? Florence. April. Copious amounts of olive oil and pastry. The smell of coffee and fresh apricot. What were you doing 5 years ago today? 2012. I was just beginning to write my first ever screenplay. Lots of books and an unknown, with foresight that I have now, sweet restlessness. The conquest of needed literature. The learning. Blurred colors. Sleepless nights. It was a good year. A year of change, necessary change. The movement and speed were striking. The drive that I had was unlike anything I had ever experienced. Had something to do with seven of cups of coffee I’d regularly down a day. What are you afraid of? Every creator, at heart, is most afraid of being mediocre. Is afraid that his own individuality is nothing unusual or deserving of attention. Is afraid that the work that he or she puts everything into is worthless. That is my fear. Who gives you the strength to keep going? Sometimes you come across people in your life that give you a certain spark that keeps a withering spirit of creation aflame. An artist, in any form, needs appreciation. It is the most basic dynamic behind any creative endeavor – the creation and its appreciation. So whenever you do stumble upon such a soul, it is unlike anything you can experience. I am fortunate to have had such luck. Morning or night? Night. Nothing can beat the silence of 2AM. What fuels you? Movement. Physical, spiritual, travel, conversation. Exhilarating, fast change of scenery and mood. The speed at which thoughts travel. Life does not usually follow the same pace, on the contrary, it is usually slow, in the viscous textures of routine and simplicity, but whenever, by circumstance or choice, it throttles at breakneck speed into the unknown of the distant and not so distant future, I feel truly alive, and that is what fuels me. Deniss Mitjusevs /// https://dotemart.wordpress.com
Issue #016 Published: 20-01-2018 // Written by: Chris Kok
AltR - A short story by Chris Kok
‘Tell me what you see.’ ‘I see you.’ ‘Yeah, but… What do I look like?’ ‘You look like you.’ ‘Me old? Young? Skinnier? Blonde? You always liked blondes.’ ‘I always liked you.’ ‘You’re sweet, Richard. But seriously. I can look like whatever you want, you know that, right?’ ‘You look like you are. Like my wife.’ ‘Okay, fine. Not very ambitious, but kind of nice. How about everything else? The bar? The patrons? Anything different?’ ‘I’d have to turn it off and on again, to be sure.’ ‘Okay.’ ‘Let’s see…’ ‘Any difference?’ ‘It’s lonely. Apart from that, just the music.’ ‘What about it?’ ‘When it’s off, it’s some kind of electronic chaos. When I turn it on, it’s Nick Drake.’ ‘Lovely.’ ‘It’s nice to see you smile.’ ‘It’s nice to be smiling.’ ‘You want another drink?’ ‘I’m okay, thanks. But go ahead.’ ‘Bartender? Another, please. Just for me, the lady’s fine.’ ‘It’s really nice of Malcolm to give you that thing. It must have been expensive, even with his employee discount.’ ‘I suppose. Although to be honest, I don’t really see the point of it.’ ‘You don’t?’ ‘Well. Maybe it’s just that it’s a little freaky. Don’t you think? I mean, this thing reads my mind.’ ‘Only so it can give you exactly what you want.’ ‘Yeah but, still…’ ‘Did it hurt at all?’ ‘No, it comes with a local anesthetic. Then you just slide it up your nose.’ ‘That is a bit creepy.’ ‘Ah, it was alright, really.  Malcolm helped me set it up. Took all of five minutes.’ ‘So how is it?’ ‘It’s… nice. I guess. I haven’t had it off longer than a few minutes, so it must be doing something right. Mostly, I like the little things. Now, when I walk past those dumpsters from the Chinese place on the corner, I don’t smell them anymore.’ ‘What do you you smell?’ ‘Nothing. Just normal outside smell, I guess. Oh, and I haven’t heard the new neighbors’ baby crying lately. That must be this thing’s doing, too.’ ‘What else?’ ‘No more trash in the street. The house is always spotless. TV’s a lot better. Whenever I turn it on, there’s something I want to watch. And it’s always just starting. Food is amazing. I haven’t had a single bad bite since I started using this thing. Even though, as you well know, I can’t cook worth a shit. Oh, and it’s always sunny now.’ ‘You always hated the rain.’ ‘I mean, it still rains. I still get wet. I just don’t feel it anymore. The weirdest thing though, is driving. There’s never any traffic now, but the car still inches along, same as always.’ ‘Well, it gives you time to finish your crossword. Otherwise you’d never get it done.’ ‘Not without your help, anyway. God, I’ve really missed you, Julie.’ ‘I’ve missed you too.’ ‘That’s… It’s nice to hear.’ ‘You seem tired. Are you tired?’ ‘I am. How long have we been sitting here?’ ‘Two hours and forty-two minutes.’ ‘Aw jeez. We’d better get home. I have work in the morning.’ ‘Whatever you want, sweetie.’ ‘Barkeep, I’d like to settle the score. There you are, keep the change. Honey, you’d better wrap that scarf tight. It may feel like summer to me, but it’s freezing out there and it’s a bit of a walk to the car. The streets seem empty, but it still parked itself two blocks away.’ ‘I’ll be alright, I think.’ ‘Of course.’ ‘But you’re sweet to say it.’ ‘Julie?’ ‘Yes, sweetheart?’ ‘Would you kiss me?’ ‘I thought you’d never ask.’ Richard takes her home, through peaceful city streets. He doesn’t see the beat up cars, the beat up men that sleep in doorways. He doesn’t see the lightning in the distance, announcing the coming thunderstorm. He doesn’t hear the sirens or the worrisome steady clunk and scrape of the engine. He stares at his wife beside him as the car drives itself, then parks. They walk the final blocks in silence. He doesn’t smell the dumpsters on the corner. He holds open the door for her, then follows her inside. He doesn’t see the stacks of mail, piled up in the hallway. He doesn’t see or smell the dirty dishes, cups and glasses that cover every surface of the living room. He flicks a switch and he sees the lights go on. He doesn’t feel the cold. He washes his face and feels the water on his skin. He crawls into bed with Julie. ‘You know,’ he says, ‘maybe I’ll stay home tomorrow. We can have a nice day together.’ ‘That sounds lovely,’ she replies. ‘Goodnight, sweetheart.’ ‘Sweet dreams, dear.’  
Issue #016 Published: 11-01-2018 // Written by: Zygmunt Vroid
Absolutely No Reason to Feel Fine
The period between Christmas and New Year is traditionally the moment to look back and reflect on the remarkable events of the past year. This time, one of the fun facts of 2017 was provided by The Guardian. According to the British newspaper, the world’s 500 richest people have increased their wealth by 1Trillion US$ over the past twelve months. In case you were wondering how many zeros are in this figure, here you go: 1.000.000.000.000.  The incredible (and pretty incomprehensible) increase in the fortunes of the super-rich comes as billions of poor and middle class people across the world have seen their fortunes decline. The gap between the very rich and the rest of us, The Guardian reports, has widened in 2017 to the biggest in a century so that advisers to the super-rich are warning them of a “strike back” from the squeezed majority.  And isn’t it indeed quite surprising that the out-of-control inequality the world is seeing again since the 1990s hasn’t already lead to such a “strike back”? Why are we accepting these levels of income inequality that are not only socially brutal but also economically totally dysfunctional? Why do we allow our governments to turn back the social clock to pre-modern times? Still mulling over this question I opened the Dutch newspaper NRC. And wasn’t I surprised to find, on the very same day The Guardian dropped its 1Trillion US$ bombshell, an article on the economic situation in The Netherlands entitled “We are absolutely fine but don’t believe it yet”. According to the “top-economist” interviewed for the article, the country is doing better than ever. The only thing keeping the Dutch population from ecstatically dancing in the streets, the article argues, is that people don’t quite trust the amazing “economy recovery” yet. The reason for such collective holding back, our economist muses, is that the Dutch are sufferin  g from post-crisis shock syndrome which makes them unable to realise how fantastically they are doing.  What the economist somehow forgot to mention is the fact that decades of neoliberal policy making have disconnected economy and society to the effect that a booming economy no longer means social progress or anything close to being “absolutely fine” for the majority of the population. As any self-respecting economic historian will tell you, the positive relation between economic growth and social prosperity was one of the great achievements of the post-war welfare state. Neoliberal politics has successfully destroyed this relation over the course of last few decades. The idea that “we” as society are “absolutely fine” because the economy is recovering is thus a remnant from a historical period that simply doesn’t exist anymore. Applying it to our current situation is academically frivolous and journalistically shady. At the end of the day, this is the true meaning of neoliberalism: the only welfare that matters is the welfare of business (during the financial crisis we could literally observe the state turning into a welfare state for the banks).  The problem is that people and their economic troubles don’t disappear because the dominant political ideology doesn’t recognise them. And this is where good old propaganda comes in, or, as British filmmaker Adam Curtis calls it, “perception management.” Our NRC-economist gives us a great lesson in one of today’s most perfidious forms of perception management: psychologisation. What this means is the strategy to turn the real economic and social problems we are experiencing collectively on a daily basis into psycho-pathological symptoms for which only the individual itself is responsible. In the case of the NRC-article this entails the declaration that the economic distress of a growing part of the population is simply unreal: “We are absolutely fine but don’t believe it yet”. The factual troubles of the lower and middle classes are “scientifically” transformed into imaginary problems caused by the brain’s insufficiency to properly process the high-paced economic recovery. Luckily for us, there are economists who can tell us how we ought to feel (i.e., absolutely fine) which implies that those who don’t should probably go and see their GP or psychiatrist to get some Xanax or Prozac or find out whatever went wrong during their childhood.  So take your pills and feel fabulous already. Happy 2018!   
Issue #015 Published: 04-01-2018 // Written by: Jacqueline Schoemaker
Peeing in Amsterdam
I’ve always considered the phenomenon of the urinal in Amsterdam as an obvious sign that gender equality has not been achieved in this town. While the local government provides ample places to pee for men, hardly any public toilets are available for women. Strictly speaking, this gesture, which facilitates only half the population while the other half is explicitly, blatantly, excluded, cannot be called a public service. In fact, with all the current debates going on and decisions being taken by the national government and several major companies about gender neutrality, it is clear that the city of Amsterdam, which even fails to grasp the older concept of gender equality, is lagging behind. Whenever I come across one of those green ornamental iron ‘curls’ as they are called, I’m made acutely aware that I’m ignored and shut out on the basis of my gender, whether I actually need to pee at that moment or not. What is the municipality’s reasoning behind this misogynist half-service? We all know that peeing is a necessity, for both men and women. So why are women and girls constantly told on the street that they don’t need to pee, or, that, if they do, they can go do it somewhere else, that, in any case, their local government is not going to solve their problem while it does solve the problem for men? The subliminal message that women are given, in the public space of the city where they live, is that they simply, literally and quite physically, don’t count. Recently a young woman was tried and fined for peeing in public near the Leidseplein. In itself, this was not a remarkable fact since it is illegal for both men and women to pee in public. The discussion the woman successfully raised was about the lack of an alternative space for her to urinate. She had urgently needed to pee late at night, all the bars and restaurants had been closed and there had been simply no place for her to relieve herself. Interestingly, the (male) judge suggested that with a little imagination she could have made use of a urinal. In other words, she should have tried to fit the male standard that is obviously not equipped to facilitate her bodily needs and habits.(Squatting in a shady corner in public is a lot easier for a woman that trying to pee standing up in a urinal). Most interesting about the judge’s response to the woman’s dilemma of where to pee, was his argument that there are less public toilets for women than for men – ‘less’ being an obvious euphemism: 35 toilets for men as opposed to 3 for women in the centre – because men are much more often found guilty of urinating in public. So, men committing the offence of peeing in public are rewarded with a municipal service, while women committing the same offence pay the fine and subsequently hold their water. The man’s words were a precise reiteration of the phenomenon of the urinal itself. What they, the words of a judge, expressed to the young woman was: you don’t count.  With 35 urinals in the town centre and only 3 toilets, it really can no longer be the case that men urinate more often in public than women. I sincerely hope it isn’t. For me, I know the pleasure of squatting and peeing behind a wall, a disused building or in the bushes at the edge of a park, knowing that by doing so I don’t only relieve myself but also mark my territory like a dog: this is my city too you fuckers! I practise it regularly, and will keep doing so as long as I need to.   
Issue #015 Published: 20-12-2017 // Written by: Nicholas Burman
Telling Stories at Mezrab
Primarily a home to oral storytelling, Mezrab has become one of Amsterdam’s most diverse venues, both in terms audience and programming. Situated at Veemkade 576, on the bank of the IJ, the venue also hosts comedy nights, theatre performances, underground music and more. On a typical night Mezrab is a hive of buzzing curiosity. Founder Sahand Sahebdivani estimates that 50-60% of the audience on any given night are return visitors. You can really sense that when you’re there, the events feel like large family-and-friend occasions you happen to have found your way into. It’s just that this family congregates around performers who love to tell stories. This passion comes from Sahebdivani, who is Iranian born though has lived in Amsterdam since he was three. He explains: “In my family there is this huge love for literature. I even remember teachers at school jokingly apologising to me that their lessons were getting in the way of my reading.”  Once upon a time… The renaissance of storytelling in Amsterdam began over fourteen years ago, in his literature-loving home, where informal evenings with friends were arranged so that they could share poetry and stories, as well as Sahand’s mum’s cooking (this is a practice that has survived the years, her homely food is a fixture at Mezrab). Even with an absent marketing plan, the evenings became so popular that a transfer to a small cafe in the Jordaan was necessary, followed by a move to an art gallery. The ‘space’ finally settled into its current location at the start of 2015. Since then, it has grown from a one man organisation into a mixture of employees and volunteers, totalling thirty people.    Although known for promoting a very traditional form of artistry, Sahand is quick to point out that he’s not a luddite; he loves Netflix, he bonds with his brother over video games (he describes these as “contemporary forms of storytelling”). However, with most of these digital activities being undertaken in isolation, he thinks that the physical relationship between the audience and the performer, and between the audience members themselves, is what has made Mezrab so popular. “That’s something very valuable that people really miss.” Indeed, “connecting with the audience” is a vital element that storytellers must achieve in order to be reinvited to the platform. Mezrab also hosts music events, mainly international acts that would find it hard to get booked elsewhere in the city. It’s also helping encourage budding storytellers, offering them guidance through the storytelling school Sahand started with his close friend Raphael Rodan. The Rodan-Sahebdivani partnership has also resulted in theatre shows, including ‘My Father Held A Gun’, the Gold Award winner at 2017’s Amsterdam Fringe festival.   Multicultural Idealism All but one of the monthly storytelling nights are in English, and the tellers tend to be an international bunch. In one night I attended, India, Australia and the Netherlands were all represented. This is a central component to the collective vision around Mezrab. Sahand’s own story is transnational in nature. His father was member of the resistance in Iran, before arriving in Amsterdam as a refugee with his family in the 80s. The family’s worry that they would be “relegated to some obscure corner of society” in the Netherlands, as Sahand says it was, has thankfully proved to be unfounded. However, there are still relatively few spaces in Amsterdam dedicated of multicultural explorations. “Amsterdam has so many different nationalities, yet doesn’t manage to open spaces that really bring all the different nationalities together,” he says, “as someone who grew up in Amsterdam feeling very much connected to all these different groups, it was the most natural thing in the world to connect these people.” He also cites his family’s revolutionary politic as an inspiration. “My father feels this pride, because in a way all of that knowledge and the wishes of the generations before him, through me, found their way to Amsterdam. There is a lot of idealism in this place.” That idealism has lead to some conscious business decisions, such as serving only vegetarian food, and to remove the cigarette vending machine. Unfortunately, they haven’t yet found a popular replacement for Coca-Cola.  Promoting Radical Spaces      While Amsterdam in 2017 can evidently be a home to experimental and welcoming spaces such as Mezrab, Sahand laments the decline of the city’s underground scenes, both artistic and political, during the previous two decades, during which time there’s been a conscious political effort to ‘clean up’ the city (often, this has resulted in gentrification). He has childhood memories of heroin addicts loitering at the door to his home, nevertheless: “When we came here it felt like everything was possible. There was no money but everyone was doing something. There were so many cultural initiatives, it felt very vibrant and alive. I do feel that at the moment we’re more well off, but that we’ve funneled all of that well offness into the latest hip coffee bar... nothing against them, but I had a dream that life would give me more than just a good coffee bar.”  ‘Mezrab’ means ‘guitar pick’ in Persian, the tool used to help soundwaves ring out. From its intimate beginnings in an Amsterdam living room, Mezrab’s influence is certainly crescendoing. Storytellers that started on its floor-level stage have founded their own storytelling nights, such as at the Volkshotel. Even when on holiday, Sahand can’t escape its impact. “I was in Lithuania, and I was sitting having an ice cream and three young women, around twenty years old, came up to me and they said: ‘thank you for opening the Mezrab.’ On the other side of the fucking continent!”   Photo: Karl Giesriegl
Issue #015 Published: 01-12-2017 // Written by: Julie Dassaud & Tim Sprangers
Instruments make play
INSTRUMENTS MAKE PLAY is een in februari 2017 gestarte expeditie met zelfgecreëerde instrumenten als uitgangspunt. Lukas Simonis (Klangendum), Harco Rutgers (De Perifeer) en Julie Dassaud (Kulter) willen met dit bijzondere project de grote potentie van zelfgecreëerde instrumenten benadrukken en de bekendheid van de makers uitbreiden. Van 1 tot en met 10 december 2017 wordt in Rotterdam, Amsterdam en Deventer het eerste INSTRUMENTS MAKE PLAY Festival gehouden, met exposities, een beurs, een driedaagse workshop, ontmoetingen en uiteraard concerten, waaronder een feestelijke avond in De Ruimte (Amsterdam-Noord) op 3 december.  De Ruimte is de plek waar de samenwerking tussen de drie organisatoren is ontstaan. Na een memorabele, aan zelfbouwelektronica en muzikale bouwwerken toegewijde middag, ontstond het idee van een platform-in-combinatie-met-festival in drie steden. De organisatoren proberen zoveel mogelijk eigenwijze muzikanten te verzamelen, die zich niet laten leiden door het bestaande aanbod aan instrumenten, of die in alle vindingrijkheid zelf hun elektronica samenstellen omdat het bijvoorbeeld financieel aantrekkelijker is. Collecties te bewonderen in SoundLAB en STEIM De zelfbouwelektronica heeft een niet-spectaculair imago en niet altijd vallen de instrumenten en/of hun bespelers op. Een muzikaal bouwwerk wordt snel als kunst gerangschikt en met rust gelaten als kijkobject. Maar tegelijkertijd genereert deze scene een uitermate gevarieerd publiek van belangstellenden met een brede interesse in de unieke, geniale, bizarre, absurde, poëtische, speelse of ook hilarische objecten. Ook op het gebied van geluid en performance kunnen concerten intens intrigeren. Regelmatig betreden « Rare and Strange Instruments » (een referentie aan het gedachtegoed van Nicolas Bras/Musiques de Nulle Part en zijn 500.000+ volgers) culturele vrijplaatsen als Zaal 100, OCCII of Dokzaal. Vorig jaar bracht Samuel Vriezen « The Machine » van Remco Scha weer tot leven in de Vondelbunker. Denk aan een aangestuurde automaat van samenspelende gitaren. Van musique concrète tot Apollohuis bestaat er een rijke traditie aan zelfbouwmuziekinstrumenten, van ambachtelijke constructies van museale omvang, een gesamtkunstwerk van knutselfrutseltjes tot ensembles van DIY synthesizers. In Amsterdam worden twee verzamelingen van fraaie en speelse invented instruments onderhouden. Beide collecties zijn voor publiek toegankelijk tijdens het Festival: SoundLAB op 3 december van 14:00 tot 17:00 en STEIM op 7 december van 19:30 tot 23:00. Expo, Beurs, Feest Meer nog dan de instrumenten zelf, is INSTRUMENTS MAKE PLAY een festival waarin makers en bespelers van zelfgebouwde en uitgevonden instrumenten centraal staan. Het eerste weekend brengt het festival de makers en het publiek samen rond verschillende thema’s en events die de diversiteit van het aanbod en de visie laten zien: een tentoonstelling in Deventer, een beurs in Rotterdam, een ontmoeting met makers en een speelse avond in Amsterdam waarvoor alle deelnemers zijn uitgenodigd. Het tweede weekend bestaat uit drie performanceavonden waarin speciale gasten naast lokale artiesten optreden. De start is in Amsterdam op een vroege donderdagavond, 7 december, in STEIM en de performances worden vervolgd op 8 december in Deventer en 10 december in Rotterdam. Uit het buitenland zijn o.a. te gast.: Grauton (Karen Geyer), Nataliya Petkova en Stephanie Castonguay (StudioXX Montreal), Tapetronic (Alexis Malbert) en Eli Gras. Vanzelfsprekend verwelkomt het festival ook de instrumentenmakers (en hun instrumenten) die veelvuldig in Nederland optreden, zoals Yuri Landman, Pierre Bastien, Peter Zegveld, Toktek, Slumberland en Dianne Verdonk. Zij zullen uitgebreid te zien en te horen zijn, net als de site specific installaties van OHM (Geert Jan Hobijn, Radboud Mens en Gijs Gieskes). Het aantal aanwezige makers reikt tot boven de veertig en is nog steeds groeiende. Benieuwd naar de laatste update? Kijk dan ook vooral naar de laatste artiesten- en programma-updates op de website. www.instrumentsmakeplay.nl Tickets (€10/€5/€0) & Passe-partouts (€25) Tickets (€50) Deelname aan de driedaagse workshop Electricity Matters « build & play your own synth » 29 nov-30 nov-1 dec door Nataliya Petkova, feministisch collectief StudioXX Montreal (inclusief al het materiaal): www.instrumentsmakeplay.nl 1 december DEVENTER 17:00 expo met optredens in Kunstenlab/De Perifeer 2 december ROTTERDAM 14:00-20:00 beurs met showcases in Worm 3 december AMSTERDAM 14:00-17:00 ontmoeting met makers in SoundLAB, 18:00-22:00 feestelijke speelse avond in De Ruimte 7 december AMSTERDAM 19:30 performanceavond in STEIM 8 december DEVENTER 19:30 performanceavond in Kunstenlab/De Perifeer 10 december ROTTERDAM 19:30 performanceavond in Worm   ENGLISH Summary: INSTRUMENTS MAKE PLAY is a platform for musical instruments inventors and players of unconventional instruments who typically embody a do-it-yourself and play-it-together attitude. This community encompasses a very diverse crowd, delivering unique ingenious bizarre absurd poetic playful hilarious musical objects as well as sound-wise and stage-wise intriguing performances. Not to mention the rich DIY noise/circuit-bending and build-your-own-modular-synth adepts. And, moreover, a peaceful movement of activists creating collaborative performances with electronic trash and obsolete technology waste as a statement. The INSTRUMENTS MAKE PLAY Festival takes place from 1 till 10 December 2017 in Rotterdam (Worm), Amsterdam (De Ruimte, STEIM, SoundLAB) and Deventer (Exhibition & Performances in De Perifeer, Kunstenlab). It gathers more than 40 builders, inventors and performers, among which Karen Geyer, Yuri Landman, Stephanie Castonguay, Peter Zegveld, Nataliya Petkova, Pierre Bastien, Jasna Velickovic, Mario van Horrik, Dianne Verdonk, Toktek, Tapetronic, Eli Gras, Jochem van Tol, Jonathan Reus, Anna Mikhailova, Karel van der Eijk, Jan Schellink, KMEX, Paul Tas, Joker Nies, Rob Hordijk, Optical machines. Tickets (€10/€5/€0) & Passe-partouts (€25) Tickets (€50) & Registration for the 3 day workshop Electricity Matters, 29 nov-30nov-1 dec « build & play your own synth » by Nataliya Petkova from the feminist collective StudioXX Montreal (including all material and performance): www.instrumentsmakeplay.nl Photo: Stephanie Castonguay
Issue #015 Published: 27-11-2017 // Written by: Hessel Dokkum
Hoe komt er weer beweging binnen broedplaatsen
Laatst werd op de NDSM een symposium gehouden onder de noemer Making Space. De kern van de discussie spitste zich toe op de vraag hoe ervoor gezorgd kon worden dat broedplaatsen geen ingeslapen plekken zouden zijn na verloop van tijd. De toehoorders mochten meegenieten van de schrik van de sprekers over het feit dat econoom Richard Florida tegenwoordig zelf zijn filosofie dat steden zich moesten gaan richten op de creatieve klasse als economische waarborg, die door Amsterdam 15 jaar geleden werd omarmd, als onzin bestempelde. Het symposium eindigde met de constatering dat er achteraf gezien geen creatieve klasse bestaan heeft, en dat er veel ingeslapen broedplaatsen zijn, terwijl de vraag hoe dit laatste voorkomen kon worden, geen antwoord kreeg.  Men is blijkbaar vergeten dat er al een broedplaatsbeleid was voordat Florida met zijn term ‘creatieve klasse’ ervoor zorgde dat in 2005 het broedplaatsbeleid werd omgevormd van een sociaal experiment naar een kunstenaarsbeleid. Niet voor niets is sindsdien de wethouder van cultuur verantwoordelijk voor het broedplaatsbeleid in plaats van de wethouder ruimtelijke ordening. Ik denk dat er wel een antwoord te geven is op de vraag hoe broedplaatsen levendig gehouden kunnen worden, waardoor ze een meerwaarde voor de stad behouden op het gebied van experiment, sociale en politieke betrokkenheid, en hoe ze reageren op veranderingen. De oplossing is te vinden bij het ontstaan van het broedplaatsbeleid. Het oorspronkelijke stedelijk sociale experiment door middel van het broedplaatsbeleid is ontstaan in 1999 op aangeven van de kraakbeweging. Zij heeft als het paard van Troje haar positieve waarden meegegeven aan de stad middels het broedplaatsbeleid. In Amsterdam werden er rond 1980 veel bedrijfspanden gekraakt. Omdat deze panden geen keukens of sanitair hadden, werden er bij de kraak snel een keuken en een douche gebouwd. De krakers gingen daardoor noodgedwongen in woongroepen leven. Als woongroep zorgden ze ervoor dat het pand bewoonbaar gemaakt werd. Bij lekkages moesten ze zelf letterlijk het dak op. Er waren plenaire vergaderingen waarin iedere gebruiker een stem had. Zelforganisatie en zelfbeheer werden door het kraken van deze panden noodgedwongen geboren.  In Amsterdam zijn ongeveer 200 gelegaliseerde grotere panden. Van deze 200 panden zijn er 175 gelegaliseerd via aankoop door woningbouwcoöperaties. De krakers moesten dan hun pand uit en konden na de verbouwing weer terugkomen als huurders van de woningen. Als er iets stuk was, moest de woningbouwcoöperatie gebeld worden. Al met al was het resultaat dat de huurders over het algemeen apathisch werden omdat hen alle verantwoordelijkheid over de mogelijke invulling van hun omgeving afgenomen was. In 1988 werd de afbraak van de collectiviteit door het afstoten van de eigen verantwoordelijkheid doorzien door een aantal mensen. Door de gemeente werd toen in samenspraak met een aantal krakers de Casco+ regeling opgesteld. Deze regeling zorgde ervoor dat een woningbouwcoöperatie verantwoordelijk werd voor het casco, maar dat de huurders zelf verantwoordelijk werden voor alle inbouw. Als er gedeelde plichten zijn, hoort daar ook bij dat de groep zelf beslist wie hun collectief kan versterken. Voorbeelden zijn Tetterode en de WG-paviljoens, waar behalve gewoond ook gewerkt wordt door de groep. Daarnaast zijn ongeveer 20 panden behouden door middel van eigen aankoop. Voorbeelden zijn Vrankrijk, de Binnenpret, en Zaal 100. In deze panden bepalen de gebruikers hun eigen leefomgeving en dus ook wie er gaan wonen of werken. Deze panden draaien nog steeds op het Do-It -Yourself-principe. Het zijn panden die mee veranderen met de tijd, waar grasdaken en zonnepanelen verschijnen.  Het is duidelijk dat het hebben van gezamenlijke verantwoordelijkheid essentieel is voor het voortduren van zelfbeheer. Collectiviteit is een must. Collectiviteit en zelfbeheer creëren mensen die gaan experimenteren met hun omgeving. Het aannamebeleid bepaalt of een pand zich staande kan houden of niet. Bij een slecht aannamebeleid zakt een pand helemaal weg, de collectiviteit verdwijnt, waardoor de gebruikers zich gaan gedragen als huurders. Om dit laatste te voorkomen zouden binnen deze panden de gebruikers zich elk jaar individueel moeten verantwoorden waarom ze nog steeds deel uitmaken van het collectief en wat hun aandeel daarin is geweest dat jaar. Dit ter voorkoming van de veryuppirisering binnen deze panden. Binnen een collectief wordt men gedwongen om met anderen dingen af te spreken als men wil dat een pand leefbaar blijft. Door collectiviteit kunnen er meer dingen gestalte krijgen dan door individualiteit. De kracht van het collectief is zoveel groter, in collectieve panden kunnen dan ook dingen als debatten, festivals, restaurants, bars, buurtactiviteiten, etc. vorm krijgen. Het leven binnen een collectief pand is één grote ontmoeting. Gedeelde verantwoordelijkheid en gedeelde afhankelijkheid zorgen ervoor dat mensen elkaar tegenkomen en verbintenissen aangaan, waardoor er ook synergie op andere vlakken vaak plaatsvindt.  Verantwoordelijk zijn voor de eigen leefomgeving is natuurlijk een mooi gedachtengoed. Het is echter gebleken dat niet eenieder geschikt is om die verantwoordelijkheid te dragen. Er zijn mensen die niet coöperatief zijn en hun eigen privébelangen voorop stellen. Collectiviteit is bijvoorbeeld voor veel kunstenaars erg moeilijk; ze zijn vaak gericht op het eigen ik en het eigen creëren.  Het broedplaatsbeleid is in 1999 ontstaan naar aanleiding van een gemeenschappelijk raadsadres van verschillende kraakpanden onder het motto “De Stad bloed dood”. Veel kunstinitiatieven sloten zich aan bij dit raadsadres. Krakers zetten zich in de beginfase in om tot een goed broedplaatsbeleid te komen. Ze dachten mee met het Plan van Aanpak Broedplaatsen, waarin collectiviteit, diversiteit, ruimte voor experiment en zelfverantwoording als randvoorwaarden werden opgenomen voor het subsidiëren van nieuwe broedplaatsen. Ook binnen de eerste versie van het CAWA-reglement stonden deze randvoorwaarden hoog in het vaandel. De kraakbeweging gebruikte het broedplaatsbeleid om collectieve panden als OT301, Plantagedoklaan, en Wilhelmina te behouden, en plekken als Xpositron en ook de NDSM te creëren. Het Do-It-Yourself-principe heeft ook geresulteerd in het stadsontwikkelingsmodel ‘De Stad als Casco’. Dit model gaat ervan uit dat mensen de verantwoordelijkheid ten aanzien van de hen omringende omgeving zelf op zich nemen en dat zij zich binnen deze omgeving ontplooien. Het doel is een levendige stad te creëren, waarbij gebouwen en ruimtes casco opgeleverd worden en waarbij een volgende gebruiker er weer zijn/haar eigen invulling aan kan geven. Op de NDSM is dit model leidend bij de bouw van de broedplaatsruimtes. Op de Plantagedoklaan is binnen het erfpachtcontract gesteld dat van de 3000m2 vloeroppervlak er 1200m2 in gebruik moet zijn van kunstenaars, zonder dat daarbij is vastgelegd waar in het pand deze 1200m2 zich zou moeten bevinden. Werkruimtes kunnen daardoor bijvoorbeeld ateliers worden, ateliers kunnen lesruimtes of een kantoor worden, niets staat vast voor het gebruik in de toekomst. Tussen 2006 en 2007 is het broedplaatsbeleid door de gemeente van een sociaalbeleid naar een kunstbeleid omgeturnd waardoor commercialiteit, economische haalbaarheid en starheid de boventoon gingen voeren boven de mogelijkheden die veranderingen met zich meebrengen. Het experiment en de verbinding met de maatschappij zijn sindsdien niet meer belangrijk in broedplaatsen. Er wordt niet meer gezocht naar de zelfverantwoordelijkheid van de gebruiker of huurder. Als er teruggegrepen werd naar de randvoorwaarden van het oorspronkelijke Plan van Aanpak van het broedplaatsbeleid, en als elke gebruiker van een broedplaats jaarlijks aan het collectief zou verantwoorden waarom hij of zij onderdeel wil zijn van dat collectief, dan zouden broedplaatsen weer bruisende plekken worden. De foto’s zijn genomen tijdens NDSM Open - 10 years Art City en het symposium MAKING SPACE, over het betekenis en belang van culturele vrijplaatsen in Amsterdam. Fotografie: Vicky de Visser
Issue #015 Published: 20-11-2017 // Written by: Eric Duivenvoorden
Van wie is de stad
FAIRcity is een Amsterdamse stadsbeweging. Ze is vorig jaar opgericht als een platform van verschillende (buurt)actiegroepen en maatschappelijke organisaties om op te komen voor de toegankelijkheid en de diversiteit in Amsterdam. FAIRcity voert sinds deze zomer een campagne om de verkoop van gemeentelijk vastgoed aan de kaak te stellen. Als uitvloeisel van het program-akkoord van het college van B&W zijn er de laatste maanden tientallen gemeentepanden op de markt te koop aangeboden. Hieronder ook menig pand met een maatschappelijke bestemming. Het zijn voornamelijk voormalige school-  en kantoorgebouwen in het centrum die vaak al decennialang onderdak bieden aan tal van maatschappelijke organisaties. FAIRcity eist het behoud van de panden en de opschorting van het verkoopbeleid. Deze gemeentepanden moeten beschikbaar blijven voor initiatieven die door de oververhitte marktomstandigheden uit de stad verdreven worden. Juist de afgelopen weken kwam een bonte rij sociale en culturele instellingen in het nieuws omdat ze hun plek kwijt dreigen te raken: de ateliers van de Zondagsschilders op de Gelderskade, het Wijkcentrum in de Nieuwe Doelenstraat, de balletschool in de Weteringbuurt, de aula van de begraafplaats Vrederust, om er maar een paar te noemen. En als je even niet oplet is er weer ergens een leuk, vertrouwd winkeltje verdwenen omdat alleen grote ketens de huur nog kunnen opbrengen, zoals op de Haarlemmerdijk. Allemaal zijn de organisaties het slachtoffer van het voortschrijdende proces van steeds verdergaande vermarkting van de stad. Met de verkoop van het publieke bezit stimuleert de gemeente niet alleen deze ontwikkeling, ze zet ook het voortbestaan van de activiteiten van haar huidige huurders onder grote druk.      Maar het zijn niet alleen allerlei voorzieningen die het loodje leggen. Tegelijk wordt namelijk duidelijk dat men erop aanstuurt dat de stad binnen de ring uitgroeit tot het exclusieve domein van de beter verdienende klasse. Op een onlangs gepresenteerd groot nieuwbouwproject op Oostenburg met 1500 woningen is nauwelijks plaats ingeruimd voor sociale huurwoningen. De kritiek die hierop kwam werd door Stadgenoot in een twitterbericht hautain van de hand gewezen:  ‘Wij bouwen sociale en middenhuur. We verkopen kavels aan partijen die voor ‘rijken’ bouwen. Met de opbrengst bouwen wij sociale huur buiten de ring.’ Onder ieders ogen wordt een scherp onderscheid aangebracht tussen de rijke gedeeltes waar de happy few zich kunnen uitleven en de arme stadsdelen ver buiten het centrum. Hoezo tweedeling? Stadgenoot is zich van geen kwaad bewust en verschuilt zich achter het beleid dat in de stad als geheel 40% sociale huur in de nieuwbouw wordt gerealiseerd. Maar ondertussen helpen ze de toegankelijkheid en de diversiteit van grote delen van de binnenstad om zeep. Als hier niets tegen gedaan wordt, zal op termijn sociale verhuur alleen nog buiten de ring gerealiseerd worden. De verdringing die met de gentrificering van de stad gepaard gaat, treedt inmiddels in volle glorie aan de oppervlakte. Vooral nu de crisis voorbij is en de bouw- en investeringswoede om zich heen slaat is goed te zien waar het met de stad naartoe gaat. Maar het stadsbestuur staat erbij en kijkt ernaar alsof het een of ander natuurverschijnsel is. Terwijl juist stevige ingrepen noodzakelijk zijn. In de huidige turbulente omstandigheden mag en kan Amsterdam zich niet langer laten ringeloren door de Haagse politiek. Maar zoals het beleid van het huidige college van burgemeester en wethouders de afgelopen jaren duidelijk heeft gemaakt, hoeft hier van de liberale politieke partijen in het huidige stadsbestuur weinig verwacht te worden. Hun vertrouwen in de vrije markt houdt de stad steeds sterker in een verstikkende wurggreep.   Amsterdam wordt geteisterd door een veelkoppig monster dat alleen met vereende krachten het hoofd kan worden geboden. FAIRcity heeft geen pasklare antwoorden op deze aanvallen. Eén ding weten we wel: als we niks doen gaat de stad naar de gallemiezen. Op allerlei fronten zullen creatieve oplossingen gevonden moeten worden die daadwerkelijk tegenwicht kunnen bieden. FAIRcity zal de komende maanden in de aanloop naar de verkiezingen de vinger op de zere plek blijven leggen en iedereen ondersteunen die zich in wil zetten voor een eerlijke, diverse en toegankelijke stad.      Volg FAIRcity op Facebook, Twitter en www.faircity.amsterdam Meld je aan voor informatie of doe mee: info@faircity.amsterdam Photo: Boudewijn Rückert
Issue #015 Published: 14-11-2017 // Written by: ADEV
Amsterdam Danst Ergens Voor...
Welcome to the underground! We moeten het blijven herhalen, de Nederlandse dance scene is geboren in de underground. Vele huidige ADE goden kregen een kans op plekken ver weg van commercie en regelzucht. In het weekend van het ADE dansen de bezoekers steeds vaker op dezelfde beat en netjes in de maat. Tijdens het ADE zijn het kuddedieren, gaan ze van venue naar venue, als schapen op de Dam. ADEV (Amsterdam Danst Ergens Voor) vierde met een lichte tegenzin zijn 5 jarige bestaan, want de Amsterdamse underground staat zwaar onder druk. Dit jaar ging de manifestatie terug naar haar basis, een schel geluid vanuit de underground. Een harde stem tegen de vercommercialisering van de (dans) cultuur in Amsterdam. Op 21 oktober bracht ADEV het ADM naar het centrum van Amsterdam. Het ADM, als voorbeeld broedplaats in heel Europa, wordt na 20 jaar, bedreigd in zijn bestaansrecht. Want waar tegenwoordig alles in euro’s word gemeten bewijst ADM al 20 jaar dat zelforganisatie, tegendraads denken en onafhankelijkheid leidt tot een unieke aanvulling op het culturele, artistieke en politieke leven van Amsterdam. Het ADM strijdt tegen erkende vastgoed criminelen. De rechter besluit en de politiek is aan zet. Wij vroegen iedereen om zich uit te spreken voor het behoud van ADM, voor het behoud van de underground. Samen met een aantal soundsystems werd deze oerkreet tot ver in de stad hoorbaar. www.adev.nu Photos: peter van bergen henegouwen       
Issue #015 Published: 09-11-2017 // Written by: Tom
18th birthday of the OT301
The OT301 was squatted on the 14th of November 1999 by a group of artists that united themselves in a vereniging called EHBK (Eerste Hulp Bij Kunst). In the past 18 years the collective has gone through a lot of phases because it has never been an easy job to run and maintain a building with a group of people in a democratic way. Running a non-profit organization like the OT301, with all its public programming, artist ateliers and living spaces takes commitment and lots of energy from all its members. It is a responsibility that you have to share because it is too much work for a single person or a small group. Although it hasn’t been easy sharing a building/organization with a mixed group of (inter)national artists and other open minded people, it created a vibe and atmosphere that can not be copied by commercial organizations or so called Broedplaatsen (that are initiated by the city government). Hard work pays off and creates something extraordinary. In places like the OT301 buzz-words like raw and authentic aren’t marketing slogans or styling efforts. It is the real deal! The average outsider or visitor might think that the OT301 has won all its battles since the vereniging bought the building in 2006 and slowly transformed into a well oiled machine but not all is what it seems. It still takes lots of energy and discussions to make the ‘right’ decisions, every day, week or month, again and again. A project like this (luckily) is a never ending project and besides the hard work it is very important to realize that the bricks itself are worth nothing. It is all about the people and the energy that they put into the collective and its activities. On Saturday the 11th of November the OT301 will celebrate its 18th birthday. In this case the 18th birthday does not mean that something is fully grown because the OT301 is in fact a never ending proces and it should always be a playground for those that want to experiment without the pressure of financial success. It can not be emphasized enough that places like this are important for a city that has always been proud to be open minded, creative, liberal and free. On the 11th the OT301 will be open from 13:00 till 05:00 hrs. There will be lots of activities during the day (and night). Let’s celebrate the 18th birthday of an experiment that values collective ownership, autonomy and self management more then anything else.     PROGRAM: ++++++++++++++++++++++++ 4Bid  Gallery (ground floor) From 14:00 hrs 4bid gallery will be open from 14h presenting an archive of event hosted by the space, together with an exposition of works which were made in the OT301 gallery during the weekly Life Drawing sessions. A collection of memories from our program of performances, exhibitions and discussions will be screened, in parallel with drawing sessions throughout the afternoon. We will bring you sweet music, creative freedom, experimental poses, projections, and, of course, a model to draw from. Let us share our passion for making things happen and involving interested people in it. ++++++++++++++++++++++++ Cinema - 19:00-23:00 hrs (2nd floor) Born in 1999 - Free Screenings: 19:00 The Iron Giant 21:00 Existenz Cinema bar open from 18:00-00:00 hrs ++++++++++++++++++++++++ Studios (ground floor) Studio 2 13:00-22:00 hrs: Various activity's, food, drinks, ping pong Studio 1 13:00-14:00 hrs: Aerial kids Okido Yoga class and presentation by: Youth circus OTt301 Max 6 kids sign in by sms or whats app (06-50998032) https://www.facebook.com/Aerial-Kids-Dance-Okido-Yoga-Ot301-844856992237739/ 18:00-18:30 hrs: Presentation of Movement academy OT301 and project Life for life OT301 https://www.facebook.com/Lifeforlifeot301-659825147530864/ 18:30-20:00 hrs: Aerial therapeutics class by: Movement Academy OT301 Max 6 participants sign in by sms or whats app (06-50998032) https://www.facebook.com/Movement.Academy.OT301/ 19:30-23:00 hrs: Aerial and dance improvisation, breakdance + Photo expo from Artistic Aerial photo shooting  at Movement Academy ot301  23:00-05:00 hrs: DJ/Live music night with: Bonnie Li (Live, French duo - Berlin based) Sycomor (Live act, French - Berlin based) Colin DJ’s Klerezooi Power vs Power  K2z3ko no28 Visuals by: Nuns with guns Art by: Royale Belleville/ Studio Inferno III Performance by: Movement academy Ot301 ++++++++++++++++++++++++ Bodlabot (1st floor) 14:15-15:30 hrs: Dance Improvisation Open Class In this class we start working using the floor as our partner to warm up and generate movement possibilities, to then move gradually up and create dances.  More information: https://manuelalucia.com/ 16:00-17:00 hrs: Chi Kung Open Class Chi Kung is an ancient art used in martial art and for health.  This open class is an introduction but also in depth study of a simple act of standing still. The material of the class will be rooted in ancient excercises and postures which are simple and easy to integrate in daily life. The aim of the class is to find esse in standing still, to improve circulation and strengthen the core structure of the body and mind. www.chikungmetizabela.nl ++++++++++++++++++++++++ Peper (ground floor) Sub:terrein DJ’s: Franco Najera and Eskaym (Techno, House, Breaks, Jungle, Dnb) Programming different styles of electronic music on the one night. Mono-cultures are boring. Melt the genre silos. Exhibition: ‘Urban Legends’ collages by Svetlin Velchev. ++++++++++++++++++++++++ Artist: Ruud de Kort (1st floor) Open studio showing work. From 13:00-20:00 hrs ++++++++++++++++++++++++ Anamorphic studios (3rd floor) tba ++++++++++++++++++++++++ Facebook event >>>
Issue #015 Published: 07-11-2017 // Written by: Elkerlic
Futurologic Symposium and xx birthday ADM
Dear citizens, Since the earth’s population became more urban than rural the word gentrification is buzzing around in cities around the world. Ten years ago it was still an obscure phenomenon, now it is urgent to be aware of this unacceptable and destructive process which is noticeable in a lot of different aspects in society. Our 7th futurological symposium unveils effects, resistance and solutions against gentrification and focuses on the importance of saving the gentrified free cultural spaces. A three days symposium at the ADM 20th birthday festival about “Degentrification: a manifesto in action” After symposia were held in Ruigoord, the Netherlands, at the Boom Festival in Portugal, in Christiania in Denmark and in the Free Republic of Uzupis in Lithuania, this year the symposium took place at the ADM site. The ADM celebrated its twentieth anniversary as a free cultural space and is right now threatened in her existence. With the 7th symposium we wanted to come up with a number of concrete proposals to the municipal authorities regarding the need to maintain free cultural spaces and to create new ones as well. A concerned audience and about 50 presenters from academies, movements, and of course free cultural spaces from all over the world gathered in the inspiring surrounding of the Robodock exhibition at the ADM. Free Cultural Spaces promote diversity and mutual solidarity. No homogenization of the ab-normal, but a welcoming of the extraordinary. People of all walks of life meet each other in Free Cultural Spaces. These spaces are particularly well suited for exploring the unknown and pushing boundaries. Their personal charisma reinforces the bonds between urban, rural and neighbourhood dwellers, and their hospitality fosters a versatile cosmopolitan society. Free Cultural Spaces are not just festivals and squats, but include many intentional communities, eco- and organics initiatives, free schools, creative nomads and more. At the symposium several representatives of free cultural spaces talked about their specific situation in the light of gentrification:, the Independent Republic of Užupis (Lituhania), Christiania (Copenhagen), Ruigoord (Amsterdam), Erf 81 (Capetown), Poortgebouw (Rotterdam) and the Institute for (X) (Aarhus), the organizer of next years futurological symposium.  All these are places where you can feel free in a visible and tangible way. However, free cultural spaces all over the world are threatened by gentrification, each of them in their own specific way. But gentrification affects a lot more different aspects within society as it encompasses problems of all kinds, ranging from the reduction of social housing, alienation within neighborhoods, commercialization of city-centers, diminishing the variety and color of the city, dedication to overconsumption and a culture of greed, in short social and cultural exclusion.  Cody Hochstenbach (NL) for example did point out how gentrification directly increases inequality. Thus also the breeding ground for creativity and new ideas and these are needed to prevent the city from degenerating into humdrum. He stated that gentrification is certainly not an automatic process like many policymakers want us to believe, but a deliberate composed strategy developed by the ones with power instead. Over the last thirty years a shift from social democracy to liberalism took place in Amsterdam. Wouter van Gent (NL) showed us that the gentrification frontier advanced and working class voting blocs diminished in the last decades which permitted a new middle class hegemony to institute policy changes to further push gentrification.   At the same time people are fighting back like Brian Doucet’s presentation showed. Late last year, a diverse grassroots movement emerged to oppose the city’s housing plans from Rotterdam with a referendum. For several reasons the referendum was ignored by the city council, but because opposition and resistance was focused on a city-wide issue, rather than a specific development or estate, gentrification and displacement became major topics of conversation. As a result, the question: “Whose city is Rotterdam?” was discussed across the city. In Berlin we see that the lack of rental housing, rising real estate prices, and gentrification did result in for example a “Milieuschutz”, the protection of certain milieus, a law to actively block gentrification through regulation in five areas in Berlin. Andrej Holm (Ger) did show us how he is active in this process and tries to re-arrange and improve more existing laws for fair and social housing in Berlin in such a way that the results of these laws cause less gentrification and inequality. We also learned about initiatives to combat gentrification in Milan, Lisbon, Barcelona, London, Berlin, Vilnius, Copenhagen, and towns and cities in Serbia, Poland, Russia, South and Detroit. Doucet stressed the need for indigenous, radical ‘activist-leaders’ in Detroit.  Many of these people also operate on the edge of the city (or at least outside its downtown), but the message from his book “Why Detroit matters”  is that if we want to have a fair city, then these visions need to be much more central in our collective thinking about public space. Marko Aksentijević (Ser) tells us that more and more people from Belgrade have learned to be deeply suspicious after decades of dodgy sell-offs. Now they are protesting against the expensive housing on the waterfront with their group “Don’t Drown Belgrade”. Sometimes thousands of people are protesting with a big plastic duck as a symbol. “The word duck in Serbian means fraud” explains Aksentijevic, “it’s a symbolic way of saying the project is really Belgrade Water-fraud.” Despite all these demonstrations the waterfront development still continued, but many people get aware and engaged in their movements. Also some unexpected forms of gentrification were presented. The influence of urban greening demonstrates that such initiatives, while positive for the environment, tend to increase inequality and thus undermine the social pillar of sustainable development tells Roberta Cucca (Aus). Although greening is ostensibly intended to improve environmental conditions in neighborhoods, it generates green gentrification that pushes out the working-class.  The living streets (Leefstraten) in Gent are an example described by Cedric Goossens (Be) of degentrification. It is a grassroots greening initiative (Leefstraten) to examine how greening initiatives can be entangled with or engender processes of gentrification and displacement. Degentrification implies decentralization of (often historical) centers. The centralization of suburbs is not always covered by city councils. If we want to make a city bigger or smaller, we have to consider it in its entirety. Trans-industry exceeds industry. Trans-industrial landscapes lie in the margins of cities, just like cities lie in the margins of trans-industrial landscapes. A trans-industrial landscape is characterized by synergy between, for example, culture and nature, between the center and the periphery. That’s why Freeport Ruigoord has been saved. Enclaves of freedom like Christiania, Ruigoord, ADM and Uzupis are places of attraction for Copenhagen, Amsterdam and Vilnius, respectively. Ownership management sees competition as a driving force for the economy. If competition plays such an important part, let’s not compete for being ‘better’, but take care of places where individuality and difference can still blossom. The free cultural space is the first link in the creative (thinking) process. Industry and trans-industry are the last links. At the end of the FCS Symposium, we managed to issue a Manifesto entitled ‘Pretty Vacant’ in praise of the extremely diverse range of Free Cultural Spaces around the world.  A number of concrete proposals regarding alternatives for an again livable and creative city. The preservation of the last free cultural spaces in the margin is at stake, but attention to a creative drip for the city center is also required. It is not just about Amsterdam. The statement to be made about the importance of new free cultural spaces in the inner cities will be sent to the municipal councils of various major cities at home and abroad, so that they will be infected with the ‘freedom virus’. Best, Elkerlic Ps. It’s a manifesto in action, so to be continued. See you next year in Aarhus and soon on the streets of Amsterdam! Thanks to Maik ter Veer, Alan Dearling, Ralf van der Schaar, Menno Grootveld, Eric Duivenvoorden, Ernst du Pon, Frank Sol, Hay Schoolmeesters, Patrick van Ginkel and Aja Waalwijk www.freeculturalspaces.net www.fcsamsterdam2017.nl www.faircity.amsterdam ================================= Manifesto Pretty Vacant A manifesto on Free Cultural Spaces 1. We are the inhabitants and users of Free Cultural Spaces. People of all walks of life meet each other in Free Cultural Spaces. These spaces are particularly well suited for exploring the unknown and pushing boundaries. Their personal charisma reinforces the bonds between urban, rural and neighbourhood dwellers, and their hospitality fosters a versatile cosmopolitan society. 2. There are Free Cultural Spaces on land, at sea and in the air: walls, buildings, plots of land, canals, the ether, the world wide web. Free Cultural Spaces are every-persons-land. 3. In an (over)regulated society the autonomous value of Free Cultural Spaces as a major force behind new creative developments needs to be recognized. There is a need for ‘freespatial culture’: for permanent, temporary and nomadic spaces where people can come to their senses. 4. The attractiveness of cities is not only based on our identity as owners and consumers, but also on our identity as creators. A creative atmosphere, a green environment and a free cultural climate are therefore at least as important as economic considerations. An unbounded experience of space and time always “pays off.” 5. A free cultural climate is at odds with the proliferating gentrification. Instead of attempting to eject (less affluent) elements in order to upgrade neighbourhoods or districts, Free Cultural Spaces promote diversity and mutual solidarity. No homogenization of the ab-normal, but a welcoming of the extraordinary. 6. In opposition to the increasing pressure of rules and gentrification, Free Cultural Spaces emphasize the production of disorder, bringing life back into soulless urban landscapes. Sometimes making way for metropolitan development is unavoidable, but it is in the interest of all communities to keep the values and the functioning of free cultural spaces intact. 7. Inhabitants and users of Free Cultural Spaces readily assume responsibility for their realization and internal organization. It is, therefore, in the best interests of civic administrations to provide suitable space for and to play an active role in the enabling of new Free Cultural Spaces. 8. When city councils foster an even distribution of Free Cultural Spaces, spontaneous Zones Of Opportunity (ZOOs) will arise everywhere, in city centers as well as on their peripheries. And it must be “the responsibility of the community as a whole” to provide alternative locations whenever existing Free Cultural Spaces disappear. Manifesto by: All participants and audience of the 7th Futurological Symposium on Free Cultural Spaces, Amsterdam, October 2017.