Issue #017 Published: 16-04-2018 // Written by: Stella Legioen

Millennials, ga kraken!

‘We zijn sme-rig.
We zijn werk-schuw.
We zijn lui.
We heb-ben ons hoofd in de wol-ken.
En we maken alles kapot.’

De woor-den die door de ge-ves-tig-de orde ge-bruikt wor-den om kra-kers zwart te maken zijn in-wis-sel-baar met die die wij mil-len-ni-als naar ons hoofd krij-gen.

Aan-schouw de mil-len-ni-al:
Heeft een ba-chel-or-di-plo-ma op zak maar rijdt de ganse stad rond om dure maal-tijd-sa-la-des naar yup-pen te bren-gen voor een scha-mel loon om zijn eigen ri-si-co en woe-ker-huur te be-ta-len, moet elke twee maan-den een nieuw huis zoe-ken omdat tij-de-lij-ke wo-nin-gen de enige enigs-zins be-taal-ba-re zijn.

Mil-len-ni-als, ga kra-ken.

Loop weg van je stu-die-schuld. Haak in met je beste vrien-den en noem ze ka-me-ra-den. Rijd de stad door op je fixie op zoek naar lege pan-den en be-trek ze, op een mooie zon-dag-mid-dag waar-bij je ver-steld zult staan van de groep men-sen die voor de deur blij-ven om de sme-ris op te wach-ten: het zul-len er meer zijn dan het aan-tal vrien-den dat je ‘ik zoek een huis’-be-richt op Fa-cebook zou-den delen.

Vind el-kaar in schim-me-li-ge ker-kers, in ro-ke-ri-ge bars in de Spuistraat, in op-roe-ri-ge de-mon-stra-ties, schuif bij el-kaar aan bij volks-keu-kens en deel je laat-ste si-ga-ret na het toe-tje. Vind el-kaar in wat er waar is; het enige wat iets waard is; in de be-reid-heid om er-voor te knok-ken en de we-ten-schap dat je niets te ver-lie-zen hebt dan je huur.

Daar in het Maag-den-huis is voor mij en vele an-de-ren met mij de kiem ge-plant van een ver-zet dat we ons leven lang bij ons zul-len dra-gen. Want in de gan-gen van het be-zet-te UvA-cen-trum be-groet-ten we el-kaar – of we el-kaar nu ken-den of niet. Dat maak-te na-me-lijk niet uit. We waren daar en voel-den het-zelf-de: hier ge-beurt iets, dat op-recht is. Hier wordt een waar-heid ver-de-digd. Hier pra-ten we niet over het weer, maar over hoe we ter-rein kun-nen win-nen in een sa-men-le-ving die ons weg-drukt. Re-vo-lu-ti-o-nai-re plan-nen sme-den was het nieu-we small talk. So-li-da-ri-teit het nieu-we in-di-vi-du-a-lis-me. Ver-zet het nieu-we se-ries kij-ken. En we leer-den een waar-heid die niet meer af te leren is, na-me-lijk dat de enige ma-nier om in dit sys-teem vrij te zijn, er-te-gen vech-ten is. Niet meer on-com-for-ta-bel zijn, in al je com-fort, maar an-ders-om: com-for-ta-bel on-com-for-ta-bel; op een cam-ping-mat-je de sme-ris op-wach-ten en je vrij-er voe-len dan ooit.

Mil-len-ni-als, ga kra-ken.

Ver-ruil je col-lec-tie vin-ta-ge-schat-ten voor ge-reed-schap en do it yourself. We heb-ben het in-ter-net, dus we weten hoe we wa-ter-lei-din-gen aan moe-ten leg-gen en poe-pen op je zelf aan-ge-slo-ten wc gaat nooit ver-ve-len. Wees alert op con-su-men-tis-me: kill the shop-per in your head. Meu-bels en kle-ren vind je op straat. Laat alles ach-ter wat niet in de ge-leen-de bak-fiets past. Het zal een be-vrij-ding zijn. Het enige wat je echt nodig hebt is me-de-stan-ders en wij zijn le-gi-oen.

Mil-len-ni-als, stop met se-ries kij-ken in een door je beeld-scherm ver-lich-te kamer en ga kra-ken: het beste amu-se-ment is je eigen bed bou-wen uit pal-lets en de mooi-ste ge-sprek-ken heb je niet op Fa-cebook maar onder een bouw-lamp met je nieu-we huis-ge-no-ten. Ga voor je pand-je zit-ten en praat met de buren. In de so-ci-a-le huur-wo-nin-gen in je straat zit-ten bond-ge-no-ten ver-scho-len die je meu-bels en rest-jes pasta zul-len bren-gen in ruil voor een goed ge-sprek of het lenen van je ac-cu-boor.

Kies je pan-den po-li-tiek: vecht met tan-den voor dat ene huis-je van Ymere dat in de ver-koop wordt gezet en mis-schien dan, over een jaar of tien, zijn er nog so-ci-a-le huur-wo-nin-gen over om je kra-ker-s-pen-si-oen in uit te zit-ten. Laat de rijke mas-to-don-ten niet alles van je af-pak-ken maar vecht terug. Zij aan zij met je nieu-we ka-me-ra-den en je nieu-we bond-ge-no-ten.

Mil-len-ni-als, ga kra-ken.

We weten al-le-maal in wat voor we-reld we leven: een we-reld waar-in al het avon-tuur kapot is ge-maakt. Ver-wel-kom het laat-ste avon-tuur: die we-reld ka-pot-ma-ken en een be-te-re schep-pen. Je zult in je op straat ge-von-den spie-gel kij-ken en weten: ik heb het goede ge-daan. Ik heb er-gens in ge-loofd en ik heb niet op-ge-ge-ven.

En één och-tend, als de kof-fie prut-telt op de kook-plaat en de zon schijnt op je voor-ge-vel, zul je weten: dit is hoe het leven ge-leefd moet wor-den, in de tocht-ga-ten van het sys-teem, want al-leen daar hangt nog een fris-se bries.