Issue #013 Published: 11-07-2017 // Written by: Stijn Verhoeff

Niet alles krijgt de aandacht die het verdient. Over de film The Fits

Voor menig mediaschuwe maker is het een frustrerende aangelegenheid: uren, weken, maanden werk zijn er in een film, een boek of een tentoonstelling gestoken en na de presentatie of de lancering valt het stil. De receptie is middelmatig. Het werk gaat niet de wereld over zoals gehoopt. Het enige wat de maker rest is zich herpakken en weer aan de slag. Want “Talent komt vanzelf boven drijven!”, zeggen de optimisten. “Nee,” antwoorden realisten, “met talent alleen redt je het niet. Er is veel meer voor nodig om een werk de wereld in te krijgen.” Zoals een goede PR bijvoorbeeld, opperkoning Matthijs van Nieuwkerk weet er alles van. Waarop weer een groep reageert met “Aan dat oppervlakkig spektakel doe ik niet mee.” Voor sommige makers boeit het echter niet of hun werk nu veel of weinig mensen bereikt. Het gaat immers om het werk zelf, of één iemand dat ziet, of duizenden, dat maakt hen niet uit. Soms verdient een werk een groter publiek, soms ook verdient het publiek een bepaald werk. Neem de film The Fits. Ik schat dat honderd Amsterdammers deze film in de bioscoop hebben gezien. Maar kort draaide hij in twee kleine zaaltjes: bij FC Hyena (een bioscoopje in Noord, vlak bij het KNSM-eiland pontje) en bij Lab 111 (voorheen Smart Project Space, nabij het WG-terrein tussen de Overtoom en de Kinkerstraat). De meeste bioscopen lieten de film links liggen en geen enkel Nederlands dagblad schreef over The Fits. Waarom hebben zo weinig Amsterdammers deze uitzonderlijke film gezien? Hebben de producenten van de film de juiste Nederlandse distributeur niet gevonden? Zijn de programmeurs van de bioscopen in Nederland slecht geïnformeerd? Of zijn Amsterdammers niet geïnteresseerd in het met weinig woorden vertelde verhaal van een zwart meisje in een middelgrote Amerikaanse stad? 

Gelukkig leven we in een tijdperk waarin het niet moeilijk is om een film zelf in huis te halen. Lang leve het internet. The Fits is in vele opzichten een bijzondere film. Enige achtergrondinformatie: de film bestaat uit een honderd procent zwarte cast zonder dat racisme het onderwerp is (in onze overgevoelige tijden van identity politics een verademing). Deze cast is voor het grootste gedeelte minderjarig, maar een kinderfilm is The Fits allerminst. Negentig procent van de acteurs is vrouw en ook de crew bestaat voor een groot gedeelte uit vrouwen. Regisseur Anna Rose Holmer schreef het script samen met een vrouwelijke producent en een vrouwelijke editor. Over het maakproces zei Holmer dat iedereen die aan de film meewerkte het gevoel had dat het haar of zijn film was. Met andere woorden, iedereen was even belangrijk, wat ongebruikelijk is in de hiërarchische filmwereld. Is het belangrijk dat ik dit alles benoem? Ik zou zeggen van wel, want ik ben van mening dat het in de film terug te zien is. De film spreekt een taal die weinig wordt gesproken. Een taal die gek genoeg niet over taal gaat. The future is female.

In The Fits speelt Royalty Hightower met veel overtuiging de 10-jarige mysterieuze Toni. Toni wordt door haar oudere broer in de sportschool klaargestoomd voor de wereld. Iedere dag trainen ze samen. Kort wordt de afwezigheid van hun vader gesuggereerd, maar de buitenwereld blijft veelal buiten beeld. 
Regisseur Holmer weet dat wij kijkers de harde wereld reeds kennen en heeft niet de behoefte ieder woord te spellen. Sterker nog, zij laat Toni in stilte spreken. Haar ingetogen blik en haar geconcentreerde uitdrukking zeggen genoeg.

We zien Toni boksen, zich optrekken, met haar sporttas sleuren. Twee prachtige vlechten draagt ze. Haar gezicht staat gespannen, voor kinderlijk plezier lijkt weinig ruimte. Ze moet sterk zijn, ze moet haar mannetje staan. En dat doet ze, met overtuiging en kracht. Tegelijk voel je dat er achter het schild dat ze optrekt iets anders zit. Ze is bovendien nog een kind. Waarom bewapent ze zich? En waartegen?

De film reikt amper tot buiten de deuren van het gebouw. Binnen gebeurt er genoeg, het is een wereld op zich. In een andere ruimte van hetzelfde pand, in de gymzaal, bevindt zich een groet groep meisjes die op een andere manier hun eigen lichaam en hun positie in de groep leren kennen. Ze dansen. Wild, rauw, en agressief bijna. Ze maken zich op voor dance battles die ze met andere groepen houden. Twee oudere tieners doen de jongere meisjes voor hoe het moet. Nieuwsgierig kijkt Toni naar wat er daar gebeurt. Van achter een raam ziet ze hoe de meisjes zich opstellen, hoe ze hun lichamen laten bewegen. Meedoen durft ze niet. Totdat een tweede tienjarige, Beezy, eveneens geweldig vertolkt door Alexis Neblett, haar uitnodigt mee te doen. Langzaam voegt Toni zich in de groep, langzaam laat ze het schild dat ze draagt vallen en laat ze het kind in zichzelf los. Ze mag lachen, ze mag dansen, totdat er gebeurt waar de titel van de film naar verwijst: een mysterieus fit, een inval, een vlaag, een stuip sluipt het pand binnen en neemt de meisjes in haar greep. Wat is dit rare spastische gekronkel op de grond? Is het drinkwater vervuild? Zijn de meisjes … Nee, ik zeg niks meer. Gaat dat zien en vertel over deze film, opdat meer mensen dit kleine meesterwerk mogen zien. 

Drawing: Marwa Mezher