Issue #021 Published: 14-12-2018 // Written by: Klaar vd Lippe & Bart Stuart

Eigendom is diefstal

Het lijkt een tegenstrijdige uitspraak: Eigenaar worden is toch juist het beste dat je voor jezelf kunt doen? Dat lijkt zeker zo. Alles lijkt er op gericht bezit te verwerven. Verkeerd! Zegt Proudhon. Soms mogen dingen geen eigenaar hebben.
Wat bedoelde hij daar mee? Moet je alles delen? Nee. Je mag je broek houden. Pierre-Joseph Proudhon (1809-1865) is een Frans autodidactisch econoom, socioloog en een van de grondleggers van het anarchisme. Van sommige dingen is er zo weinig dat het het collectief onredelijk zou schaden als het privé eigendom zou worden. Sommige dingen, zoals arbeid, mag je je niet toe-eigenen. De arbeider moet kunnen profiteren in wat door zijn medewerking is gemaakt. Een mens is geen gereedschap. 

Hoe radicaal is de gedachte dat eigendom diefstal is? Valt mee. Het principe is eigenlijk iets dat we stilzwijgend erkennen. De zee is van niemand, het strand ook niet. Natuurgebieden, de lucht, de wegen, de Amsterdamse grachten. Het zou tegen natuurlijk voelen als je voor het strand toegang moest betalen. Of steeds kaartjes moest kopen voor de weg. Het voelt ook normaal dat je voor een collectief goed ook collectief het onderhoud betaalt. Dijken zijn van iedereen en worden door belastinggeld in goede staat gehouden. Niemand wil dat er een firma is die de dijken van Nederland bezit met het risico dat die firma vervolgens failliet gaat. Het collectief belang is duidelijk. 

Het tweede principe dat nu speelt komt duidelijk naar voren bij de discussie over data. Mag je iemands data toe-eigenen? Of is dit altijd een gedeeld eigendom?
Collectief eigendom is lastig. Neem het gas in Groningen. Het is van Nederland, van iedereen. De firma die het uit de grond haalt, NAM, is een bedrijf met aandeelhouders. EBN de andere partner in de gaswinning is een staatsbedrijf. Nu blijkt dat de NAM iets te enthousiast heeft gepompt waardoor de bodem verzakt en daarmee ook de huizen die er op staan. Lijkt duidelijk dat die schade vergoed moet worden? Van iedereen, dus voor iedereen zou je zeggen. De lusten gehad, miljarden inkomsten, de lasten, paar honderd miljoen schade, accepteren. Ineens lijkt de collectiviteit niet meer zo vanzelfsprekend. De rechtbank moet er aan te pas komen om het staatsbedrijf EBN haar verantwoordelijkheid te laten nemen. Eigendom was hier bijna diefstal geworden.

Fabrieken waren in de visie van Proudhon zo belangrijk voor het leven van de werkers als verschaffers van inkomen dat het in zijn ogen onverantwoordelijk en onrechtvaardig was dat daar een privé persoon beslissingen over kon nemen. De motieven van het individu zijn ondergeschikt aan het algemeen belang. Dit speelde in de tijden voor arbeidstijden, arbo en sociale voorzieningen. Arbeiders organisatie in fabrieken stond nog in de kinderschoenen. De werkgever was een bijna God gelijke autoriteit. Industriële productie was een nieuw fenomeen. Tot die tijd werd op veel kleinere schaal in werkplaatsen gewerkt. Zijn gedachtegang is een conceptuele verkenning van wat het betekent om arbeider te zijn in een industriele samenleving. 
Wij zijn gewend aan de staat. Natiestaten waren toen een heel recente opvolging van koninkrijken. Burgerschap en stemrecht nieuw. Dat vereiste allerlei nieuwe gezagsconcepten. Niet alleen voor individuen. Bedrijven krijgen bijvoorbeeld de status van rechtspersoon. Daarmee ontstaat het moderne bedrijfsleven. Tot dan toe waren eigenaren gewoon persoonlijk verantwoordelijk. 
De maatschappij had zich nog niet gevormd naar de nieuwe praktijk. Proudhon leverde een blauwdruk voor die nieuwe industriële maatschappij. 

Gedeeld eigendom dient dus beschermd te worden door een organisatievorm die daaraan recht doet. Proudhon ontwikkelde een eigen alternatief voor autoritaire bedrijven: federaties. Organisaties door arbeiders zelf bestuurd. Ze zijn gebaseerd op collectieve verantwoordelijkheid en medezeggenschap. Samenwerken doe je door overleg. Binnen je eigen federaties, tussen federaties onderling maar ook nationaal en zelfs Europees. 
Zijn politieke opvatting over het principe van samenleven noemde hij anarchisme. Van het Griekse  an- ‘zonder’ + arkhos ‘baas, meester’. Zonder meester zijn. Geen bazigheid. Bazigheid was tot dan toe de normaalste zaak van de wereld. 
Proudhons alternatief voor het kapitalisme en communisme is het mutualisme: wederkerigheid. Hij stelde zich voor dat arbeiders gemeenschappen vormden die renteloze leningen bij een ruilbank konden afsluiten om bedrijven te beginnen. Zij konden producten met elkaar ruilen via bonnen. Zij maakten daarmee eigenlijk een soort eigen geld.

Klinkt allemaal best idyllisch. Toch is er een ander veld van collectiviteit die we hier ook goed kennen. De sociale woningbouw. Uitbuiting door huisjesmelker nam in de 19e eeuw zulke vormen aan dat de slechte woonomstandigheden de volksgezondheid bedreigde. Door de hoge huren woonde te veel mensen in kleine vochtige woningen. Tuberculose en ongedierte discrimineren echter niet en veroorzaakten bij iedereen ziekten. 
Een aantal betrokken burgers richt woning-coöperaties op. Huisvesting is in hun ogen een basis voorziening die duidelijk niet aan de markt kan worden overgelaten. Ze bouwen woningen voor de armen in bezit van een vereniging. Hiermee wordt de huurder ook mede eigenaar en verschuift het accent van filantropie, liefdadigheid, naar medezeggenschap. Richting baasloosheid. Gesteund door de overheid wordt coöperatieve huisvesting een groot succes. Nederland is een voorbeeld voor goede betaalbare huisvesting. Hoewel er van baasloosheid steeds minder sprake is. Coöperaties worden instituten die direct met de overheid overleggen. De huurder is nog wel officieel lid van een woningbouwvereniging, de daadwerkelijke betrokkenheid neemt af.

Steeds meer voorzieningen raken in de loop van de 20 ste eeuw collectief geregeld. Verzekeringen, ziekenfondsen. Wat eerst zo revolutionair was wordt gewoon. Ook zaken waar voor gevochten is, de arbeidstijdenwet, de woningwet uit 1901, algemeeen kiesrecht 1917 en het recht op scholing zijn vanzelfsprekend geworden.. Het lijken kwesties van algemene beschaving.....
Dan breken de beruchte Paarse jaren aan. De partij van de arbeid en de liberalen werken van af 1994 onder Wim Kok samen. De strijdbijl tussen Baas en Knecht is begraven. Het element strijd raakt op de achtergrond. Het lijkt nu alleen nog een kwestie van het zo efficiënt en kosteneffectief te regelen. Marktwerking en management zijn de toverspreuken. Als eerste worden in 1995 de coöperaties bedrijven: corporaties die ook vastgoed ontwikkelen. Als bruidsschat krijgen ze de woningvoorraad mee. Niet veel later volgen staats post, de energie en de spoorwegen. Dan verdwijnen de ziekenfondsen en worden zorgverzekeraars. Marktwerking wordt het nieuwe normaal. 

Globalisatie maakt vervolgens een ander type bedrijf mogelijk. Loyaliteit aan de lokale omstandigheden is minder vereist. Winst maken zonder meer is oké. Professioneel een lul zijn is oké. Vergaande flexibilisering maakt van arbeiders met een vakbond zzp-ers zonder vertegenwoordiging. 

Na de bankencrisis klinken de eerste kritische geluiden. Misschien dat er toch wat te vroeg gejuicht is. Marktwerking werk niet. Het nieuwe normaal ziet er een stuk minder aantrekkelijk uit. Ziekenhuizen gaan failliet, de woningmarkt zit op slot, sociale huurwoningen zijn schaars en bijna onbetaalbaar, openbaar vervoer is duurder en minder frequent, vast werk is flex geworden, je data zijn niet van jou en het toerisme eigent zich de stad toe. 

Proudhon maakt een voorzichtige comeback. Zijn opvattingen over collectiviteit beleven een terugkeer door concepten als commons en wiki’s. Dingen die je samen doet en waarvoor je gezamenlijk verantwoordelijkheid neemt. Broodfondsen zijn een ander voorbeeld: als groep zzp-ers maak je een onderlinge verzekering tegen tijdelijke arbeidsongeschiktheid. Steden experimenteren zelfs met lokale valuta zoals in Engeland de Bristol Pound. Spullen worden minder belangrijk, klinkt het hoopvol. Delen wordt het nieuwe hebben!

Misschien is eigendom van bepaalde zaken  inderdaad diefstal. Misschien waren de ideeën van Proudhon niet alleen vernieuwend maar vooral ook gewoon verstandig. Er is echter een grote stap nodig om het tij te keren. Hoe krijgen we die baasloosheid terug? Nieuwe digitale mogelijkheden maken zelforganisatie en ruilbanken heel haalbaar. Globalisatie maakt verantwoordelijk wereldburgerschap urgenter dan ooit. Woningnood vereist een herformulering van collectief belang. 

Wat gaan we doen in Amsterdam? Hoe kunnen we hier collectiviteit weer de leidraad laten zijn voor collectieve belangen? Hier ligt een mooie uitdaging voor het nieuwe linkse stadsbestuur. Maak van een participatie agenda een collectiviteitsagenda. Hoe maken we van sociaal beleid weer wederkerigheid? Kan zelfbestuur bestuur flankeren?
Laten we in ieder geval beginnen met het onderling vaak tegen elkaar te zeggen: eigendom is diefstal. Laten we beginnen met wederkerigheid oefenen. 
Want zonder baas zijn we samen de baas.