Article index
Issue #002 articles
 

Through this index panel you can filter the articles from every published news paper + the online only articles. click on on of the issue numbers below to select the issue you would like to view. click on an article block to view full text.

Issue #013: June-July 2017Issue #012: April-May 2017Issue #011: Feb-Mar 2017Issue #010: Dec-Jan 16/17Issue #009: Oct-Nov 2016Issue #008: Aug-Sept 2016Issue #007: May-June 2016Issue #006: Mar-Apr 2016Issue #005: Jan-Feb 2016Issue #004: Nov-Dec 2015Issue #003: Sept-Oct 2015Issue #002: Jul-Aug 2015Issue #001: June 2015Online only

Issue #002 Published: 27-10-2015 // Written by: A. Snijboon
Amsterdam 2015: een nieuwe Woningbouwvereniging
Begin april 2015 was het drukke openingsfeest van het Pieter Nieuwlandgebouw, een voormalige school in de Oosterparkbuurt. Maandenlang waren vrijwilligers bezig geweest met verbouwen voordat het gebouw opnieuw in gebruik kon worden genomen. Inmiddels zijn er vijf kleine bedrijfjes en sociale ondermeningen gehuisvest, is er een publieksruimte en wonen 11 mensen in het gebouw. Het gebouw is eigendom van woningbouwvereniging Soweto. Een van de huurders legt uit: Soweto? ‘Soweto is ontstaan uit onvrede met de manier waarop de woningbouwverenigingen hun sociale oprichtingsdoelstellingen hebben verloochend en de ruk naar privatisering binnen het huisvestingsbeleid in het algemeen. Verschillende gelegaliseerde kraakpanden zijn in de loop der tijd politiek en economisch geïsoleerd geraakt van de woningstrijd waaruit ze zijn voortgekomen. Soweto wil zich een dergelijke vlucht van politiek en economisch kapitaal voorkomen. Soweto ontstaan uit het verlangen een huisvestingsvereniging te creëren die is gebaseerd op doe-het-zelf principes en grass-roots organisatie. In een notendop is Soweto een idealistische huisvestingsvereniging met de intentie een legaal en democratisch kader te vormen waar verschillende op solidariteit gebaseerde woonprojecten, zoals gelegaliseerde kraakpanden, samen kunnen handelen en zo politiek en economisch sterker staan. Het is de bedoeling dat Pieter Nieuwlandstraat 93-95 het eerste van een reeks projecten onder de Soweto paraplu is. Waarom de naam Soweto? Het idee voor Soweto is onstaan in de Transvaalbuurt, in de Pretoriusstraat. In de Transvaalbuurt heb je veel straatnamen met foute associaties. Soweto daarentegen, de bekende township bij Johannesburg, is een strijdbare naam. Hoe wordt je lid? Hiervoor verwijs ik naar de website soweto.nl. Voor lidmaatschap vragen we 25 euro per jaar. Als lid van Soweto heb je stemrecht in de Algemene Leden Vergadering (ALV) die 2 keer per jaar wordt gehouden en waarin alle belangrijke beslissingen worden genomen. Hoeveel leden zijn er al? Op dit moment zijn er zijn ongeveer 100 leden, en we zijn op zoek naar meer! Is Soweto te vergelijken met een Engelse Housing Coop? Soweto is het best te vergelijken met het Engelse Radical Routes network, dat tot doel heeft de huisvestingsmarkt anders in te richten. Qua structuur is Soweto wel een vereniging, een vereniging die zich nadrukkelijk verbindt aan sociale verhuur, groepsbewoning en zelfwerkzaamheid. Bestaande woningbouwverenigingen in Nederland werken op een andere manier. Ze maken kaderafspraken met de overheid over de doelen en de aantallen woningen die ze gaan bouwen. Huurders van Soweto moeten alles zelf doen, verbouwen en onderhouden. De bestuurlijke laag is zo klein mogelijk om de kosten laag te houden, en om huurders zoveel mogelijk zeggenschap te laten houden over de huizen waarin ze leven en werken. Hoe worden beslissingen genomen? Woningbouwverening Soweto heeft een aantal Algemene Ledenvergaderingen (ALV) per jaar.  Ieder lid van Soweto heeft stemrecht, evenals elke huurder – van momenteel alleen nog het eerste Soweto-project, het gebouw aan de Pieter Nieuwlandstraat. De belangrijkste dingen worden in de ALV besproken en besloten. Daarnaast  is ons motto zelfredzaamheid, met mensen die gewoon hun handen uit de mouwen steken en een grote mate van autonomie hebben. De dagelijkse dingen worden door henzelf geregeld. Betaalt men huur naar draagkracht? Dat wordt per pand bepaald. De pandvereniging van de Pieter Nieuwland heeft intern besloten dat de bewoners naar draagkracht betalen. De huur wordt alleen gebruikt om de hypotheek te betalen en niet om winst te maken. Hoe zie Soweto er over vijf jaar uit? Er zijn geen prognoses voor aantallen leden en panden. Of het 2 of 10 panden zullen zijn weten we niet, wel dat er zeker panden bij zullen komen in de toekomst. Het kader waarin dit kan gebeuren is al opgezet. Nu nog enthousiastelingen die binnen dat kader willen werken en dingen verwezenlijken.
Issue #002 Published: 27-10-2015 // Written by: Philip Vincent Fokker
Oplossingen vinden voor de stad van morgen
De in december 2014 opgerichte stichting PlantageLab heeft zich ten doel gesteld duurzame stedelijke ontwikkeling (en oplossingen voor stedelijke problemen) voor Amsterdam te stimuleren. De wijze waarop dit gebeurt is onderhevig aan de dynamiek en de ontwikkelingen die elke grote stad doormaakt. Voormalig HTS gebouw Het voormalige HTS schoolgebouw Wiltzanglaan 60 -waar het PlantageLAB is gevestigd- is dé plek van waaruit de verschillende activiteiten plaatsvinden. Hierbij moet gedacht worden aan: Experimenten met stadslandbouw, milieuvriendelijke productie, vergroening, klimaat adaptatie, waterberging, het ontwikkelen van een broedplaats en bijdragen aan de sociaal-economische ontwikkeling van de Amsterdamse Kolenkitbuurt. Vele handen maken licht(er) werk De samenwerkingen tussen PlantageLab, WOW, het Amsterdams Grafisch Atelier en Knowmads – die allen in het voormalige schoolgebouw gevestigd zijn –  zorgt ervoor dat de slagkracht van de stichting nog eens vergroot wordt. Dat wil zeggen: er is in de nabije omgeving veel kennis aanwezig waardoor kruisbestuiving en samenwerkingsverbanden makkelijk tot stand kunnen komen, iets dat al in de eerste maanden van het bestaan van de stichting is gebleken. WOW De naam zegt het al; het is verbazingwekkend wat WOW allemaal inhoudt. Een hostel met verschillende soorten kamers voor toeristen en bezoekers van Amsterdam waar honderden bedden beschikbaar zijn. Vijftig studio’s voor kunstenaars waarmee Amsterdam poogt om talent binnen de stadsmuren te houden. Een restaurant, een lobby die tevens dienst doet als expositieruimte. Kortom: iedere Amsterdammer zou eens op de fiets moeten springen om langs te gaan bij deze waanzinnig inspirerende nieuwe plek. Knowmads Deze bijzondere club mensen een “Business School” noemen doet hen eigenlijk te kort. In verschillende “stammen” worden studenten geschoold in niet een alledaagse, collectieve vorm van leiderschap en innovatie. Samenwerking en creativiteit zijn de kernwoorden voor de full- en partime studenten én medewerkers die aan Knowmads verbonden zijn. Kort gezegd is Knowmads Amsterdam – samen met dependances in Hanoi, Berlijn en Sevilla -  een platform voor mensen die op een positieve manier een verschil willen maken in de wereld.    Het Amsterdams Grafisch Atelier Als oudste grafisch atelier in Nederland, opgericht in 1958, is “AGA” nog immer dé plek voor print in al haar verschillende vormen. Meer dan 200 kunstenaars en designers weten de plek jaarlijks te vinden en maken gebruik van de uitgebreide faciliteiten. Maandelijks zijn daarnaast twee (internationale) residenten te gast bij het Atelier die natuurlijk hun eigen energie en visie meebrengen waardoor inventiviteit op deze plek constant in beweging is. PlantageDakLab De stichting heeft de buitenruimte en, zeker niet onbelangrijk, de daken van het complex als experimenteerruimte tot haar beschikking. Op het PlantageDAKlab lopen al een aantal experimenten die de kennis over en voordelen van duurzame alternatieven onderzoeken en  duurzame stedelijke ontwikkeling in het algemeen stimuleren.   Regenbestendiger Amsterdam Net als de rest van Nederland strijdt Amsterdam al eeuwen tegen het woelige water. Door de steeds ingrijpendere klimaatveranderingen krijgt de stad ieder jaar meer water te verwerken. Het PlantageLab is de perfecte omgeving om nieuwe vormen van waterberging te onderzoeken waardoor wordt bijgedragen aan de doelstellingen die het initiatief Amsterdam Rainproof zich heeft gesteld. Zo maakt asfalt plaats voor een moestuin; van watervloed naar water voedt! Wat kunnen wij voor elkaar betekenen? Het PlantageLab faciliteert de kruisbestuiving tussen enerzijds kunst, cultuur en creativiteit en anderzijds de thema’s stadslandbouw, waterberging en dakoplossingen. Er is binnen PlantageLab genoeg ruimte voor nieuw ondernemerschap. Dus alle ondernemers die kansen zien zijn van harte welkom om mee te denken over de oneindige mogelijkheden die deze dynamische en bijzondere omgeving ons biedt! Meer informatie: www.facebook.com/pages/PlantageLab www.plantagelab.nl www.wow-amsterdam.nl www.amsterdamsgrafischatelier.nl www.knowmads.nl    Photo’s: Luca vd Putten + Cloud Mine  
Issue #002 Published: 27-10-2015 // Written by: Susanne Boger
“Like a cat on the hot green roof”
As the sun sets, the green parrots from Vondelpark and their black jackdaw colleagues know where to find their new city oasis: the roof of the cultural centre OT301. On top of this former filmacademy, between solar panels and Sedum plants, little blue flowers (Veronica chamaedris) indicate the improved quality of the air. Traditional belief says that harvesting them will bring rain. They can stay. Thistles and other weeds must go. The volunteers who maintain the roof have a healthy no-pitty-policy, and carefully take out all the weeds between the Sedum plants to ensure maximum growth. Or as the joke amongst them goes, old school analysis is good, and weeding a Sedum roof is therapy too. In the spring of 2015 a series of solar panels were installed on top of the multicoloured and magnificent Sedum rooftop, that has been insulating the building and producing oxygene for the city since 2013. During the summer of 2015 one of the roofbalconies on the south west side will be reinforced to create a more permanent vegetable garden, after two years of pilot gardening. Also this summer, the downstairs garden will be redesigned to be more functional, friendly, green and sustainable. Some major investments that show that the EHBK community in OT301 has fully embraced going green. With the Go Green!- workgroup in the maintenance committee of OT301, and thus a permanent element in the organisational structure, EHBK has secured the development towards greener defaults and more sustainable working practices. The Go green!-project Other than this hip name might suggest in a more commercial context, the Go green!-project is not some green-washing public relations campaign in which businesses salute and praise themselves for investing in some ecofriendly perfumes to cover up the chemical stink of their wasteful lifestyles. It is part of OT301’s ongoing utopian quest to be a sustainable playground for the creative community well into the future. The Go green!-project started out as an artistic statement on the sustainability of the art community by EHBK member Dusan Rodic. The project resonates his conceptual work of ‘the shelter’, a clay dome amidst a vegetable garden as a safe haven and meeting point for creative people. In a climate of cut-backs in cultural subsidies, flexible and/or precarious creative jobs, and decline of social spaces, with Go Green! he again puts the topics of ecological sustainability, community and self-sufficiency on the artists’ agenda. To raise awareness and get community support, a campaign was launched in which people could ‘buy/adopt’ a square meter of sedum rooftop. The campaign was visually accompanied by a ring from Susanne Boger’s metal atelier, hosting a tiny sedum plant, which travelled to various international exhibitions, together with information about going green. With donations from the community, generous city subsidies, and EHBK’s own investments, and hands-on help of many people, the much desired sedum and solar rooftop is now a reality. To ensure durability and safety, rooftop & balcony access is restricted to crew members. Information will be happily given through the OT301 website. The sunny solar harvest can also be followed through the Go Green page on our website. The groundfloor garden will be all grown-up again soon and welcomes the public during the daytime to come have a look, snif, taste, and explore. Solar, so good While some decision finding processes in a democratic group can be rather ankle nibbling at times, OT301 always featured a strong and dynamic unity concerning all matters of durability, recycling and sustainability, and have consistently worked on ideas for going green. Considering the fact that keeping a single house plant happy and alive can be a challenge sometimes, it is testimony to the dedication of the OT301 crew, ranging from volunteers from the public spaces collectives to EHBK members from private individual or shared ateliers, have successfully realized small and big scale green ideas.  Did you know that OT301 grows organic vegetables, herbs and flowers? Living on compost from the vegan organic kitchen in recycled greenhouses and plantcontainers, tomatoes were the clear winners of the harvest 2014. For the design of public and private spaces ecofriendly methods and recycled/recyclable materials are used. Examples are Tadelact work on the entrances; a bar built from clay, wood and bamboo; a clay wall for insulation on the north/west side. On the first floor is a give-away-cupboard and the public spaces frequently organize clothes swap events and second hand markets. But OT301 also hosts expert advice, workshops, and other support on repair, re-use and exchange of jewelry/metal, electronics, IT, textile, and bicycles. Almost anything can get a second chance, and get fixed, calibrated, adjusted or tuned up. It is inspiring to see what is possible if you stand united. Future Go Green! plans for OT301 might include hanging gardens, insect hotels, succulent plants on concrete, bat houses, green graffiti, installations to translate dance movements into energy, educational programs to exchange our technical knowledge and expertise, re-introducing forgotten vegetables, organic perfume and soap making, robotic horses, campaigns to use gardening to beat analphabetism, a green column, a comedy... And a film. A funny one. The roof is on fire. A friendly, solar fire. Stay tuned. Photo: Dusan Rodic
Issue #002 Published: 27-10-2015 // Written by: A. Snijboon
Zomer in Amsterdam: State of Play
Vanaf 4 juli opent een nieuwe speelruimte op het NDSM terrein in Amsterdam-Noord . Vlak bij de fietsbrug en restaurant Noorderlicht staat de door Edwin van Vliet ontworpen en gebouwde circustent waarin de ‘State of Play’ is uitgeroepen. Initiatiefneemster Caroline Lindo – maakster van opvallende objecten als schommels, hangmatten en hemelsbrede dromenvangers van gerecycled textiel - legt uit: “State of Play is letterlijk en figuurlijk een speeltuin voor volwassenen, het is zowel een speelse staat van zijn als een vrijstaat, een plek waar wordt gespeeld met alles wat eerder nog vanzelfsprekend leek.” Elke zaterdag zijn er workshops in en rond de blauwe tent, met telkens een andere invalshoek. Door theater en muziek te maken, en door het spelen met gerecycled materiaal ontstaan decors, speeltuinobjecten, instrumenten en kostuums wordt een verhoogde staat van spel en empowerment bereikt, de State of Play. Caroline: “De State of Play maakt geen deel uit van Nederland, er gelden andere regels. Alles wordt op zijn kop gezet, hoe gekker hoe beter. Waarom zijn dingen zoals ze zijn? Alles kan anders. State of Play houdt niet op bij de blauwe circustent: het doel van de staat is staatsuitbreiding: State of Play kun je meenemen naar huis en verder”. Op vier juli is de eerste workshop in de ‘textiele werkplaats’. Op muziek van DJ Jussi wordt een schadu wspel gemaakt met decors van gerecycled textiel. De decors worden ook weer verscheurd, om daarna als grondstof voor de volgende workshop te dienen. Op het programma staat verder een sessie met theaterdocent Nina Beem, een workshop gedaanteverandering en kostuums maken voor ‘Loenatiks en shapeshifters’. Violist Jacob Plooij begeleidt een workshop waarbij de hele tent tot instrument wordt verbouwd. Snaren worden gespannen tussen de bogen van de tent waardoor de hele tent een snaarinstrument wordt, en samen met van PETflessen en ander restmateriaal gemaakte toeters en shakers wordt een kleur/geluidscompositie gemaakt. De hele workshopreeks voor deze zomer zal binnenkort op de website zijn te vinden. Behalve workshops zal er in de speeltuin van tijd tot tijd een filmavond zijn of een potluck maaltijd (iedereen brengt wat mee). De plek is er niet alleen voor volwassenen: in samenwerking met Jongwijs worden activiteiten voor jongeren die onder Jeugdzorg vallen georganiseerd. Op 9 augustus, gelijktijdig met het Baby Burn festival op de NDSM, is er een workshop State of Play met hot tub, een Bubble Burlesque act en worden netten gemaakt om bellen mee te blazen. Tot speels. Vanaf 4 juli, de workshops zijn van 17u tot 19:30. Deelname aan de workshops tegen donatie. Richtprijs voor wie het missen kan 35 euro. Voertaal NL en of EN. Contact: via facebook textilehunters, www.textilehunters.com of caroline@textilehunters.com NDSM Plein 102, 1033 WB Amsterdam Voor Navigatie systemen, let op!: onze straatnaam is veranderd. De tomtom pakt meestal alleen het oude adres: T.T. Neveritaweg 33. Photo: A. de Smidt // J. Dorrestein
Issue #002 Published: 27-10-2015 // Written by: Nora Uitterlinden
Do It Your self all together
Interview Do It Yourself All Together: Rogier Smal and Sjoerd Stolk talk OCCII (September 23, 2014 KNIK) Sjoerd Stolk in front of the OCCII building In its 20-plus years of existence, OCCII has been run largely by volunteers, allowing the venue to offer a diverse program while remaining cheap to attend. The volunteers come and go, but for more than ten years, on any given day, chances are high that you’ll find Sjoerd Stolk and Rogier Smal at OCCII. Sjoerd behind the computer or mixing desk, and Rogier as a handyman repairing any one of the many things in need of his attention. They share their memories and thoughts on the place where they’ve come to spend so much of their time. Even though OCCII has no centralised programming, since the early 2000s Sjoerd Stolk has been the embodiment of OCCII, sometimes literally. It’s been the case that bands would collect their instruments the night after a show at OCCII, and Sjoerd would still be there: cleaning or sleeping. For years he’s kept OCCII going, by ensuring a high-quality programme, running errands and taking on odd-jobs, with the help of a large pool of volunteers, who, apart from offering assistance, often need to be assisted themselves. It’s hard to get time to talk to Sjoerd, because he’s always hard at work. Rogier Smal, with whom Sjoerd works for the record label Toztizok Zoundz, and has organised countless shows, first heard of OCCII when he played there for the fist time in the mid-nineties. On a sunny spring day, the three of us take a walk outside to talk OCCII. “I remember the first time I ever came here,” Rogier says, “I was 16 or 17, so it must have been ’95 or ’96, something like that. I’m from Stoutenburg, near Amersfoort, and it was a major thing for me that I was going to play a show in Amsterdam. I had pictured a venue where lots of tough punkers would go. And, of course, you want to be tough yourself when you’re 17 and you’re in a punk band. But when we arrived, there was this banner near the stage from De Kinderpret, the Wednesday’s children’s programme. And there was a dragon on it. It was a lot less tough than I’d imagined OCCII to be.” Sjoerd recognises the same OCCII he knows in this story. This eclectic way of programming — from children’s activities to improv jazz to punk to DJ nights — is exactly what attracted him to the venue. “The first time I ever went to OCCII was probably in 2001. I came from the Kalenderpanden, a squat complex in Amsterdam where I often went to see shows. But the Kalenderpanden didn’t last long, and so some of the folks from there continued organising their events at OCCII. The first act I saw there was Shalabi Effect, a band from Canada. I liked the atmosphere right away, so I wanted to become a volunteer there.” Already by that time, Sjoerd had experience with booking shows. It started back when he was still in high school. “From 1990, 1991, I was always in De Bakkerij, a youth centre in Castricum in the northwest of the Netherlands. We organised all kinds of stuff weekly. Just local things. Once a week we would sit around this crate filled with demos and cassettes, and listen to them. If we liked something, we invited the band to come and play a show in exchange for a crate of beer. At some point, De Bakkerij got its own PA and then we had to learn how to do sound. So I taught myself how to do it, with some help from others. In the end, you can do everything yourself.” Maths At the end of the ‘90s, Sjoerd moved from Castricum to the Bijlmer to study to be a mathematics teacher. He had side jobs like being a merchandise seller, t-shirt printer, and stage hand at festivals, but also “shitty jobs” as a dishwasher. In the weekends, he kept organising shows at De Bakkerij, and also Parkhof, a venue in Alkmaar. “The reason why I clicked with OCCII right away,” Sjoerd says, “is that it had the same atmosphere that I knew from De Bakkerij and Parkhof. When somebody, basically anybody, has a good idea, it’s possible to do it at OCCII. Also, there aren’t many organisational layers. When I started as a volunteer at OCCII, it was kind of a mess, but the way we worked together felt natural. That’s always been most important to me: that things happen more or less naturally.” When in 2005 there was one open position for a coordinator, Sjoerd got the job. “I had enough of the shitty jobs I’d been doing till then,” he says, “and this was the kind of stuff I was doing most of the time anyway.” Rogier moved to Amsterdam in 2002 and got involved with OCCII as a volunteer. “That just happened. I played in punk bands, and every weekend there were shows that everybody went to. That way you got to know new people. Somebody who organised a show at OCCII would ask you ‘I’m throwing a punk show this weekend, do you feel like cooking for the bands?’ It went without saying that if you played punk shows, you also helped organise them for other bands. We had our own ways of communication. Or rather: we didn’t have them, but we saw each other all the time anyway.” These days, the volunteers at OCCII are much more diverse, Rogier thinks. “People don’t come to OCCII as groups of friends, but separately. For example, somebody from Chicago moves to Amsterdam for work or studies, and then thinks ‘This is a nice place, and I used to organise shows in my city too, so helping out at OCCII might be a way to get to know people in Amsterdam.’ It’s a less natural way, because you need to train that person first, but it’s great too of course.” Duct tape Working at an experimental place like OCCII, you never really know what’s going to happen, Sjoerd thinks: “One day they all embrace your venue, the next day nobody shows up. We’ve had very strange nights here. One time we were waiting for a bunch of Parisian bands that were very late because there was a rainstorm. It was pouring and pouring. Suddenly, a lot of people knocked on the door because they wanted to take shelter from the rain. Among them, there were a couple of journalists for the Amsterdam newspaper Het Parool — they were doing a tour in the Old South in Amsterdam. We had to run upstairs and climb on the roof, because the rain was literally coming down through the lights, and pattering on the bar. In the end, we managed to dry the mess and clean it up, and by then it was 9:30 and the musicians finally showed up, and we were supposed to open at 10. The first two hours nobody showed up, but then, after midnight, OCCII was packed with 300 very hip people and three bands that I thought nobody had ever heard of, but they turned out to be well known bands in the art and fashion scene in Paris. And an hour earlier we were emptying a rain gutter. Het Parool of course had this negative piece on us: OCCII, well that’s this place that is built with duct tape. They hadn’t stayed to see the show, of course.” Sjoerd is glad that those contrasts still exist. “With OCCII, we want to be able to do different stuff every week. It’s part of the deal that on one day there are only a handful of people, and on another night, it’s packed. As far as I can remember, that has always been the case. When I came here in 2001, on one night there were four people, and on the next, two hundred. The fluctuation is steady. I still really dig the fact that OCCII hosts shows for the top 5 of Maximumrocknroll, but also for the top 5 of The Wire and Gonzo. It isn’t only one genre that plays here, but several. If you’re just going to make safe choices when you’re booking acts, that’s the end.” Bandcamp Just like everywhere in the arts, for OCCII too there’s a struggle to keep it running financially. Raising the price of entrance tickets isn’t an option: written into the founding statute from 1992 is OCCII’s intent to ‘adapt entrance costs and consumption prices to unaffluent visitors’. And though independence has also been built into the identity — the name OCCII, ‘Onafhankelijk [independent] Cultureel Centrum In It’, asserts its independent position — this aspect doesn’t apply anymore, financially, at least, since last year, when OCCII started receiving a subsidy from the town hall. Sjoerd doesn’t think that the subsidy affects OCCII contentwise, mostly it just enables them to continue putting together a good programme. “Many venues,” Sjoerd says, “have gotten into the ‘subsidy wringer’ twenty or thirty years ago, but OCCII has only started looking for possibilities a year ago.” It became necessary because acts have started to ask for more money. “That’s also a mentality that has changed, because more and more gigs are being organised via booking agencies. It can happen that Dutch bands will contact a Berlin booking agency to play a show in Amsterdam. They can just as easily contact me directly, why make it so complicated? If bands tell me “We need two, three hundred euros, because we only play ten shows on our tour,” then I think: why don’t you play twenty then? That apparently isn’t possible. But, as long as there’s a dialogue with the band itself, that’s OK with me. If it becomes too impersonal, and the bookers only say ‘You can listen to some of their music online on Bandcamp — now do you wanna book them?’ I don’t like that way of cooperating.” “The weird thing,” Sjoerd continues, “is that many people want to do things by themselves. They don’t want to be dependent on the big guys, but in the end, they do it anyway. Many booking agencies think of themselves as very Do-It Yourself, but they don’t operate in that way. I often hear that volunteers have done something cool at OCCII, but then the larger labels or booking agencies take credit for it so they can appear more DIY. Then I think: why should there be somebody in between at all? It’s nice to have a network of smaller initiatives, but it’s a waste if smaller initiatives are taken over by bigger ones, because you lose some of the creativity in that process.” “The problem is,” Sjoerd says, “there’s always somebody trying to get their big feet in the door. That shouldn’t happen, if you ask me. “And that’s why we want people to come and do their own thing here at OCCII,” Rogier says. “When you get an email from an agency, most of the time, they’ve written to ten venues in town,” Sjoerd says, “so OCCII is only one of them. The agencies, or sometimes the bands themselves, just want to find out which venue can offer them the most money. That way of working doesn’t fit OCCII. In the end, OCCII is a place where people can experiment. You just need to come here and talk about your ideas, and usually there’ll be a way to organise it.” Despite the changing dynamics of booking bands, Sjoerd and Rogier are still optimistic about OCCII’s programming. “We have a lot of volunteers, and they organise interesting nights,” Sjoerd says. “And some tour managers are just amazing. For example, there was a show in 2009 with Group Doueh and Omar Souleyman, which was totally different. The blokes that organised that tour came to OCCII a whole year in advance to check out the place.” Rogier adds matter-of-factly: “But you can’t expect that from every band or tour manager!” Sjoerd: “No, but they show that it’s also possible to do things differently. As a booker or band, you can slowly build up your contacts with venues — maybe you’ve already played there, or you’ve booked another band there before. If that’s the case, then you organise a tour with a totally different mindset. You don’t need to outbid each other with money, but you organise a show at some place because you had a good experience there.” Photo: Bauke Karel
Issue #002 Published: 27-10-2015 // Written by: Hans Plomp
Leonard Peltier, indiaanse held, 36 jaar onschuldig gevangen
“Omdat ik zonder enig overtuigend bewijs van schuld veroordeeld ben en de hoeveelheid bewijsmateriaal van het tegendeel nooit genoeg lijkt te zijn om voor een nieuw proces in aanmerking te komen, laat staan om na bijna een kwart eeuw voorwaardelijk of onvoorwaardelijk vrijgelaten te worden, word ik vaak een ‘politieke gevangene’ genoemd, een benaming die de regering van de Verenigde Staten ongetwijfeld erg in verlegenheid brengt. Er is mij verteld dat tot nu toe meer dan vijfentwintig miljoen mensen op Moeder Aarde de moeite hebben genomen om een petitie voor mijn vrijlating te ondertekenen. Daarvoor ben ik hen zeer dankbaar. Ook ben ik dankbaar voor de steun die ik door de jaren heen heb gekregen van mensen als wijlen Moeder Teresa, aartsbisschop Desmond Tutu, de Dalai Lama en al die anderen die zich inzetten voor de onderdrukten en ontheemden van deze planeet.” Dit schreef Leonard Peltier aan het einde van de vorige eeuw in zijn autobiografie Prison Writings. Dat is nu 16 jaar geleden. Deze man, die wordt vergeleken met Mandela, Martin Luther King en Gandhi, zit nog steeds gevangen in een maximaal beveiligde gevangenis in de V.S., “land of freedom”.... Het is ook al zo’n 20 jaar geleden dat een wereldwijde actie om hem vrij te krijgen 55 miljoen handtekeningen opleverde, o.m. van het Europees Parlement en de regeringen van Italie en Belgie. Er zijn boeken en films verschenen over zijn zaak: Peter Matthiessen publiceerde een 600 pagina’s dik boek, waarin alle details zijn vermeld: In the Spirit of Crazy Horse: The Story of Leonard Peltier and the FBI’s War on the American Indian Movement. Robert Redford en Michael Apted maakten er een documentaire over: Incident at Oglala. Het heeft allemaal niet geholpen. “Voor ons die hier opgesloten zitten, is niets belangrijker dan niet vergeten te worden”, schreef Peltier in 1998. En toch zijn de misdadige krachten die hem op valse beschuldigingen veroordeeld kregen, erin geslaagd dat hij nu nog gevangen zit en vrijwel vergeten is. Waarom? Degenen die opdracht gaven tot de moordpartijen op de inheemse bevolking, leven nog! Als het proces tegen Peltier heropend zou worden, zou er een beerput opengaan, smeriger dan het pedo-schandaal rond het Vaticaan... Niet alle indianen (ik gebruik dit woord, hoewel het tegenwoordig als beledigend wordt ervaren. Het is een naam die westerse kolonisten, die dachten dat ze in India beland waren, aan de inheemse bevolking gaven. Maar Peltier zelf gebruikt deze benaming, net als de American Indian Movement, daarom durf ik het aan) zijn miserabele alcoholisten of exploiteren casino’s in hun “reservaat”. Er zijn altijd Spiritual Elders geweest, die de tradities in ere houden. Niet alleen de Native American Church, die “officieel” toestemming heeft om mescaline te gebruiken, en de Hopi indianen, maar ook de A.I.M.  Hebben contact gehouden met Wakan Tanka, de Grote Geest. Stamhoofd Arvol Looking Horse, Hoeder van de Heilige Witte Bizonkalfpijp schrijft: “U moet weten dat Leonard Peltier afstamt van onze overgrootvaders en een spirituele krijger is van de Lakota, Dakota en Nakota Naties. Zijn geest is verbonden met die van Crazy Horse en Sitting Bull, onze voorvaderen die net als hij voor de rechten van ons volk vochten. Hij is getuige geweest van de pijn en het lijden van onze grootmoeders, vrouwen en kinderen. Als Zonnedanser heeft hij zijn leven in dienst gesteld van het Volk om gerechtigheid te krijgen voor al onze bloedverwanten. Hij heeft zich opgeofferd aan Wakan Tanka opdat het Volk weer vrede en geluk zal vinden. Ik doe op ieder van u persoonlijk een beroep om, zoalng u leeft, nooit uw pogingen te staken om Leonard Peltier vrij te krijgen. Breng hem bij ons terug!” In 1973 viel de FBI het Pine Ridge reservaat binnen, om de indianen die daar hun traditionele leefwijze in stand wilden houden te vernietigen. In dit reservaat ligt Wounded Knee, een voor de indianen heilige plaats, die door A.I.M leden bezet wordt uit protest tegen alle geschonden verdragen. Na 71 dagen eindigt de bezetting van Wounded Knee met een vooraf overeengekomen overgave van de activisten. In de twee jaar daarna worden in het Pine Ridge reservaat honderden indianen vermoord door zogeheten “paramilitairen”, moordenaarsbendes die door de overheid bewapend werden. Goons noemden ze zich, guardians of the Oglala nation... Dat dit  in Australie en Zuid-Amerika gebeurde, is bekend. Maar nergens op zo grote schaal en zo onbestraft als in de Verenigde Staten. In 1975 vroegen de stamoudsten van de Lakota indianen aan de A.I.M. om een aantal mensen naar Pine Ridge te sturen, om hen te beschermen tegen een nieuwe aanval van de goons. Een groepje van 70 indianen, voornamelijk vrouwen en slechts zes mannen, sloot zich aan bij deze traditionele indianen. Peltier was een van hen. Hij en anderen zetten een klein tentendorp op, op het land van de familie Jumping Bull, in de hoop verdere aanvallen van de goons af te weren. Op 26 juni van dat jaar komen FBI agenten Jack Coler en Ronald Williams in onopvallende auto’s met volle snelheid het land van de Jumping Bulls oprijden, zogenaamd om een bestelwagen te achtervolgen waarin zich een dief zou bevinden.Hij zou een paar laarzen gestolen hebben.... Er ontstaat een vuurgevecht tussen de twee onbekenden die het gebied zijn binnegedrongen en de AIM leden. Binnen enkele minuten wordt het land van Jumping Bull omsingeld door FBI-agenten, sheriffs en schietgrage goons. Uit FBI documenten blijkt later dat de meesten van hen zich hier al voor het incident verzameld hadden. Tijdens het uren durende vuurgevecht vinden de twee agenten en een indiaan de dood. Ondertussen ondertekent de leider van de “stammenraad”, een stroman van de regering, een geheime overeenkomst, waarbij een groot deel van het Pine Ridge reservaat, rijk aan uranium, aan de federale regering wordt overgdragen. De indianen geloven dat de aanval van de FBI op 26 juni een afleidingsmanoeuvre was om die landroof geheim te houden... Peltier en een aantal anderen weten te ontkomen, waarop de FBI een grote klopjacht inzet en de traditionele gemeenschap van Pine Ridge bedreigt. In augustus neemt Leonard deel aan de Zonnedans van Crow Dog, waarna hij over de Canadese grens vlucht en onderdak vindt bij een groep indianen in de Rocky Mountains. FBI-agenten arresteren Anna Mae Aquash, een AIM lid. Volgens haar bedreigt een agent haar met de dood, tenzij ze een valse verklaring in het nadeel van Peltier en andere activisten. Ze weigert. Een half jaar later wordt het lijk van een ‘onbekende vrouw’ gevonden in een ravijn in Pine Ridge> Ze is al een tijd dood. De lijkschouwer meldt dat ze aan onderkoeling is gestorven. Haar handen worden afgehakt en naar de FBI gestuurd voor ‘identificatie’. Ze zijn van Anna Mae Aquash. Familieleden laten haar lichaam opgraven. Een nieuwe lijkschouwer ontdekt een kleinigheid die de vorige om onverklaarbare redenen niet heeft opgemerkt: ze is op korte afstand in het achterhoofd geschoten. Haar dood, kort voordat ze zou optreden als ontlastende getuige bij de rechtszaak van Peltier, is nooit opgelost... Niet lang daarna laten agenten aan een labiele indiaanse vrouw, Myrtle Poor Bear, foto’s zien van Anna Mae’s afgehakte handen en zeggen dat ze hetzelfde bij haar en haar dochter gaan doen, als ze niet meerwerkt door een valse verklaring tegen Peltier te tekenen. Hoewel ze hem nooit ontmoet heeft, staat in de verklaring dat zij Peltiers vriendin is en dat ze hem op de agenten heeft zien schieten... Op grond van deze verklaring en ander vals bewijsmateriaal wordt hij door Canada uitgeleverd aan de V.S. Daar wordt hij veroordeeld tot twee maal levenslang. De voormalige amerikaanse minister van justitie Ramsey Clark, verdiepte zich in de zaak en schreeft erover in 1998: “Er bestaat geen twijfel over dat onze eigen regering in die tijd tegen de traditionele indianen van Pine Ridge geweld gebruikte om hen te overheersen. Sommigen denken dat de regering dat deed namens de energiebedrijven die hun zinnen gezet hadden op de grote hoeveelheid mineralen en  vooral uranium die er in de grond zaten.” Generaties komen en gaan. Van de jongeren weet  bijna niemand wie Leonard Peltier is. Een enkeling kent nog de hit van de indiaanse band Redbone “we were all wounded at Wounded Knee...” Peltier zit gevangen. Nog steeds. Terwijl precies duidelijk is geworden, welk smerig spel is gespeeld. Ramsey Clark schrijft: “Zelfs nadat de regering had toegegeven dat ze niet konden bewiijzen wie de FBI agenten gedood had, lieten ze Leonard niet vrij. Dit had de mogelijkheid geopend voor een onderzoek naar hun eigen wandaden!” Leonard Peltier ziet zijn leven als een “Zonnedans”, een uiterst pijnlijk ritueel, waarbij je leert door extreme pijn je lichaam los te laten en transcendente ervaringen te hebben... Daardoor heeft hij in de gruwelijkste omstandigheden verlichting kunnen vinden, in de geest van zijn grote voorouders Crazy Horse en Sitting Bull. Zestien jaar geleden schreef hij dat het ergste was, als ze vergeten zouden worden. We zijn een nieuwe eeuw binnengegaan, en Leonard Peltier is bijna vergeten. Ik heb aan vele vrienden, jong en oud, gevraagd of ze wisten wie Leonard Peltier is. Vrijwel niemand wist het, en als ik zijn verhaal vertel, zijn de mensen verbijsterd. Hij schrijft gedichten, boodschappen van de Grote Geest:          Vergeving Laten we de slechtsten onder ons vergeven want het slechtste zit in onszelf, het slechtste leeft in ieder van ons, het beste ook. Laten we het slechtste in ieder van ons en in ons allen vergeving schenken zodat het beste in ieder van ons en in ons allen vrij kan zijn. Terwijl ik dit artikel schreef, werd ik soms knetterhigh. Alsof ik door Leonard Peltier met de Grote Geest zelf in contact was. Een moderne vorm van “bidden”. Als je iets wil doen voor Leonard Peltier, google zijn naam en de rest wijst zich vanzelf.... De nederlandse vertaling van zijn autobiografie is in 2000 verschenen onder de titel: Mijn leven, mijn zonnedans, ISBN 9024538696. Elke “stadsindiaan” moet dit lezen!  
Issue #002 Published: 27-10-2015 // Written by:
Ongevraagde adviezen
Alternatieve producten nu met extra voordeel in de cultuursuper markt Amsterdam De Afdeling Alternatief van de grote cultuursupermarkt Amsterdam verdient meer aandacht. Maar willen wij een groter aandeel van de Afdeling Alternatief in deze supermarkt? Let op: de alternatieve producten zijn inmiddels een gewaardeerd onderdeel van het product Amsterdam. Soms wordt van hogerhand besloten dat er een aanpassing in ons assortiment nodig is, jammer voor De Valreep, De Slang en Friekens (en vele anderen). Wij eisen dan dat ongevraagde producten moeten blijven en dat het slecht voor de stad is als zij verdwijnen. Maar zij zeggen dat het juist goed is: goed voor de economie,  toerisme en de vastgoedmarkt, omdat niemand ze koopt?  Zo wordt het aanbod ongevraagde producten op de Afdeling Alternatief kleiner, geselecteerd door van bovenop vastgestelde normen en waarden.  Maar we blijven welkom; zijn zelfs een noodzakelijk deel van de creatieve stad die Amsterdam zo graag wil zijn. Alternatief als voorbeeld van participatie wordt omarmd en je krijgt met een voordeelpas extra korting op ruimte, zolang het maar a-politiek is. De alternatieve producten zijn sinds de jaren ‘90 niet verdrongen; integendeel, het vormt nu vast onderdeel van de cultuursupermarkt van Amsterdam. “Not in our name” was de naam van het manifest in Hamburg, enkele jaren geleden, waarin duizenden kunstenaars en culturele plekken verklaarden dat zij niet gebruikt willen worden voor de city marketing van die stad. Een inspirerend voorbeeld van politiek maken, waar wij in Amsterdam, met het a-politieke “mijn pand moet blijven, nog wat van kunnen leren. In voorjaar 2014 is er onder het motto “Ongevraagde adviezen subcultuur” opgeroepen om de strijd van de panden in politieke termen te formuleren. Politieke termen en leuzen waarin vastgoedmaffia en andere zakkenvullers expliciet genoemd worden, maar waarin ook die andere stad, ons alternatief, geformuleerd wordt. Ongevraagde adviezen staan voor ‘’geen subcultuur zonder politiek’’ en wenst dat Amsterdam Alternative spreekbuis gaat worden van de woede over wat er nu in Amsterdam gebeurt: van ontruimingen en sluitingen van alternatieve cultuur; van het gesol met mensenrechten tot de huurexplosie, van de hotel terreur tot het verdrijven van armen en allochtonen uit een hele reeks buurten. Maar vooral dat Amsterdam Alternative inspiratie zal geven: over de alternatieven van die ellende, nieuwe initiatieven om er iets moois van te maken, te breken met die commercie, nieuwe vormen en gedachten. Blaas die cultuursupermarkt Amsterdam op in our name want ruimte voor experiment, vrije geest en de spelende mens, is te beperkt en moet in elke tijd, dus ook nu, weer opnieuw bevochten worden. Wij pleiten voor aandacht voor de politiek kant van de in Amsterdam zwaar onder druk staande alternatieve producten en de subcultuur. Stuur je ongevraagde advies op en we zullen deze opnemen in de groeiende lijst! De huidige lijst is samengesteld naar aanleiding van de inzendingen van initiatieven uit de stad: 01. Amsterdam zet je in voor behoud van subcultuur 02. Panden voor vluchtelingen 03. Maak de stad niet alleen leefbaar voor de toerist 04. Stop de citymarketing met de creatieve sector: wij zijn geen product! 05. Maak van de stad geen decor denk ook aan de inhoud 06. Vecht een kritisch tegengeluid niet aan 07. Stippel geen looproute uit voor creatievelingen en pioniers. 08. Laat panden / ruimtes / terreinen los. 09. Maak leegstand (niet kraken) illegaal. 10. Verklein de hoeveelheid papierwerk en vergemakkelijk de formele procedures. 11. Laat mensen hun eigen tijd indelen  
Issue #002 Published: 27-10-2015 // Written by: Bart Stuart & Klaar vd Lippe
Putin will teach you how to love....
Artist space W139 has gone through some major changes last year. From a curator run space it has been transformed to an artist run space. Self organisation is key now. Artist groups can make a propositon for a show and produce it with the help of W139. This change of policy has resulted in a number of fresh and stimulating art shows with an interesting fringe program. This month the space is taken over by WGDD. Organized by artist Karl Philips around the theme periphery. Is there still room for fringe in the art world. Activist and filmers Vasily Bogatov and Taisiya Krugovykh from Moskow are represented with their documentary Pussy versus Putin (2013). It pictures the famous artist group Pussy Riot, (in)famous for their performance of a anti religion song in an orthodox church. Last Thursday they gave an impressive artist talk about activism in Moscow. Afterwards we asked them some questions:   All of a sudden Amsterdam seems very safe and provincial. Amsterdam is great. So laid back and beautiful. In this atmosphere I can again think and relax . I love your architecture. It’s beautiful. In Moscow a lot of buildings have been demolished. Monuments as well. That’s how I got involved in activism, protesting against demolition. And then one thing led to another... he smiles... What is it like to live in Moscow? T: As soon as the door opens of the plane arriving back in Moscow it feels like a gun is put to my head. There is always a tension. About daily life. Food is expensive (due to the international sanctions agianst Russia) Health care and education are poor. Drinking water is bad. But that is not the worst part. I worry about my family. My parents, will they suffer repercussions?  I also fear for my self. V: The violence against Pussy Riot and us is not ideological. The Russian government has no ideology. It is only about power There are certain groups in society more ideological oriented, right wing or religious.  They stick to themselves. For us it is also about the system itself. I can see myself being part of the political left. My resistance is first and foremost against a system of oppression and exploitation. During communism je had the dissidents and the samizdat, a subversive supporter group How is that now?. V: you don’t need to share books anymore. You have the Internet. At least, for now. Of course you have yor friend and fellow activist. We are going through bad times now in Moscow. The thing with the Ukrain, there is an atmosphere of war. There’s very little support for protest. How do you cope with all this? T: Despite everything, I want to stay in Russia. You still have hope? They laugh. V: Hope? I am angry. How can we help you? T smiles; Invite us to do projects. It is wonderful to be able to work in an atmosphere of freedom. Invite artists, musicians to come over. It is so important that we stay in contact. V: And come to Russia. Let’s work together. Freedom is not a word. It is something you do. Photo: Bogatov and Krugovykh
Issue #002 Published: 27-10-2015 // Written by: Manupalooza
Reclaim your life
Reclaim your life. Such is the underlying theme of the first Amsterdam NOMADS Gathering, 18 and 19 July in Vondelbunker, Amsterdam. A 2-day event, including workshops, presentations and discussions on the themes of: off-the-grid living, sustainable alternative lifestyles, hitchhiking, being a digital nomad, travelling around the world without (too much) money, and more! Is it possible to unplug from the rat race, and what are the ways we can do this? Featuring a packed day- and evening- program of international and local projects and individuals, various individuals will tell you how. A virtual campfire where all are invited: not just squatters and punx, international hipsters and gypsies, but also flashpackers, freelancers, digital entrepreneurs, or just anyone whom has ever been curious as to “how the hell do all these people manage to travel/be creative all the time, where do they get the funds from?”. Evenings will be dedicated to art, films and performances by nomadic travellers and other internationals with anecdotes to tell and messages to convey. Have you ever wondered what it’s like to hitchhike as a solo female traveller in the Middle East, to motorbike across continents, to live on a boat, or to only live off the income from your blog or online activities? There’s lessons to be learned from those behind those posting from jaw dropping far-away destinations. Live musical acts such as Shireen and Bucket Boyz will complete this daydream! There will also be talks on reclaiming empty spaces, recycling and upcycling, combatting food waste, eco villages, and other money-less, resource sharing lifestyle models….as well as fun stuff: pimp your backpack, learn to crochet handy things for the road, sow a patch, make a (travel) fanzine, learn to cook with donated goods. A unique opportunity to socialize with like-minded or completely-different individuals, throughout the day you can swap at the free corner, help fill up a “Human Library” with interesting places to visit, volunteer, create workgroups, make something, or just hang back and learn and be inspired. Confirmed names are: youarealltourists, Guerrilla Kitchen Amsterdam, DIY Workshops Amsterdam, Revolutionontheroad, and of course Admin members of NOMADS! NOMADS is an online community for sharing ideas and information on low-budget/moneyless/low-impact ways to live sustainably on the road. Schijnheilig, the hosts of the event, however believe in “claiming neglected spaces and transforming them into creative, freely accessible and non-commercial places”. A great coming together of souls. The event has been organized on a “do it yourself/do it together” basis: there is no central group, anyone can participate with their idea and content, in a collaborative community spirit. There is still room for ideas, speakers, and stands. Registration for workshops begins on July 1st. As we expect a group of travellers biking, hitck-hiking and ride-sharing from various parts of Europe for this, to ensure you secure a place it is suggested to register. There is also a volunteer program, for those interested in helping out. To stay up-to-date with the ever evolving program, please visit: https://amsterdamnomadsgathering.wordpress.com …..Be careful, you might quit your job after this weekend!!!
Issue #002 Published: 27-10-2015 // Written by: Yke maas / ADM
De strijd van kunstenaarsbol- werk ADM versus de vastgoed- maffia
De ADM is een organisch gegroeid dorp in het Westelijk Haven gebied van Amsterdam. Al 17 jaar wonen en werken hier veel verschillende mensen. Het terrein vormt een thuisbasis voor kunstenaars en idealisten,  maar ook voor vleermuizen, ijs- en andere rare vogels. Veel gezinnetjes ook; tientallen kinderen zijn hier geboren en opgegroeid. Begin dit jaar begint het te rommelen. In januari verliest Chidda, de BV die op het moment de eigendomspapieren bezit, een kort geding. Hiermee probeerde hij bij de rechter onbelemmerd en vrije toegang op het terrein te krijgen. De rechter heeft de vordering afgewezen. Ferry Sint, eigenaar van Chidda en schoonzoon van de geliquideerde eigenaar Bertus Lüske, laat het hier niet bij zitten. April dit jaar worden de bewoners van het ADM terrein gedagvaard via een bodemprocedure. Hier vordert hij de ontruiming van het terrein zonder dat hij daar concrete plannen voor heeft aangeleverd. Wie de geschiedenis van ADM kent weet dat de dagvaarding niet alleen een bedreiging vormt voor de bewoners, maar begrijpt dat de kwestie een aanval is op het samenleven, de creativiteit en het recht op zelfbeschikking. Het ADM terrein is al tientallen jaren lang een blok aan het been in de geschiedenis van de gemeente Amsterdam. Bertus Lüske heeft het terrein in 1997 van de gemeente gekocht. De man stond toen al bekend als een dubieuze vastgoedspeculant. Er zijn behoorlijk wat aanwijzingen dat Lüske niet alleen in de vastgoed actief was, maar ook in drugspraktijken en andere criminele zaken. Na de verkoop aan Lüske werd het terrein een doorn in het oog van de gemeente en de politie. De verhalen gaan dat het werd gebruikt als doorvoerhaven van drugs en voor andere illegale praktijken. In een periode waarin krakers nog niet gezien werden als vijanden voor de maatschappij, leek een verovering van het gebied door activisten en kunstenaars een uitkomst. Het was de gemeente die de pioniers van AMD tipte om het terrein in te nemen. Dit gebeurde na de ontruiming van de Graansilo, aan de Westerdokdijk te Amsterdam in 1996.  In 1997 werd het ADM-terrein gekraakt door de huidige bewoners. De politie keek toe en de gemeente keek weg. Familie Lüske was haar doorvoerhaven kwijt. Meneer Lüske was woedend. Een paar maanden na de kraak verzamelde hij een knokploeg en dacht zijn terrein terug te kunnen veroveren. Met een shovel sloeg hij in op het hoofdgebouw terwijl de nieuwe bewoners daar lagen te slapen. De agressieve benadering van Bertus Lüske bezorgde hem een gevangenis straf. Vanaf toen hebben de krakers zonder veel tegenwerking hun gemeenschap opgebouwd. In de afgelopen 17 jaar is de ADM organisch gegroeid tot een woon en werkgemeenschap met eigen identiteit. Haar bestaansrecht heeft ze inmiddels verdiend. In de alternatieve scene heeft ADM op internationaal niveau een plek veroverd. Jaarlijks komen muzikanten, kunstenaars en theatermakers van over de hele wereld naar het terrein om inspiratie op te doen en hun kunsten te vertonen en te delen. Festivals, zoals o.a. Robodock, Het Ruimte Festival, Het Water Festival, Lucht Festival, de ADM Wintergames, zijn ontstaan op de ADM en de concepten worden gebruikt over de hele wereld. De ADM´ers houden al 17 jaar hetzelfde principe; alles blijft non-profit en underground. Mevrouw Bos, de weduwe van Lüske, heeft de zaak na de dood van haar man een tijd laten rusten. Chidda BV, één van de vele BV´tjes die de familie op haar naam heeft, heeft nu dus de bewoners meermaals gedagvaard. Eigenlijk lopen er nu allerlei procedures door elkaar heen. Om het gebied te claimen worden lukraak plannetjes bedacht, waarvan vanaf meet af aan duidelijk dat deze onhaalbaar zijn. Denk aan  plannen zoals cacao loodsen, immigranten huisvesting in containers en scheepssloperij. Van dit laatste beweert Chidda nu een huurcontract te bezitten die hij zou zijn aangegaan met een partij ´waarvan hij nu nog niet de naam wil noemen´. De vaagheid en de veelheid aan plannen maken duidelijk dat het de Lüskes er vooral om gaat het terrein uiteindelijk met vette winst -zeker 50 miljoen euro- te kunnen doorverkopen. Op kosten van de gemeente, in dit geval. De gemeente heeft echter altijd nog recht van eerste koop. Bovendien is het maar zeer de vraag of het slopen van schepen, waarbij diverse milieubelastende stoffen vrij komen, valt onder de beperkende voorwaarden van het koopcontract. Hierin staat dat er enkel een scheepswerf gevestigd mag worden. De rechter kan pas oordelen over de haalbaarheid van de ‘vermeende’ plannen, wanneer de gemeente een uitspraak heeft gedaan over wat ze wil met het ADM terrein. ADM’ers beseffen dat ze zich in een moeilijk politiek klimaat begeven. Al zijn de plannen van Lüske nog zo onduidelijk, het economisch rendement denken is vandaag de dag dominant. Veel kraakplekken en culturele broedplaatsen zijn ontruimd. De ADM levert misschien geen zichtbaar geld op, maar dit soort  autonome en experimentele plekken vormen een inspiratie voor nieuwe ideeën en initiatieven. De dagvaarding betekent niet meteen dat het einde van de ADM in zicht is, maar bedreigend voelt het wel. Niet alleen voor de ADM als woon- en werkplek, maar voor iedereen die zich verbonden voelt met waarden waar de ADM voor staat. Als de bewoners van de ADM ook al moeten verhuizen, waar verhaalt Amsterdam haar naam als ruimdenkende en tolerante stad. • Voor het behoud van de ADM, teken en verspreidt de petitie!! https://secure.avaaz.org/nl/petition/Burgemeester_van_Amsterdam_Eberhart_van_der_Laan_Wij_vragen_u_dringend_om_de_culturele_vrijhaven_ADM_te_behouden/ Photo: Patricia Overdam
Issue #002 Published: 27-10-2015 // Written by: Jonas van de Poel
Amsterdam Writers Guild
Brain in a vat Fluorescent submarine your spark contorts my bare frontier acknowledge your predicates   it was in an Auckland car park he first realised silence is confrontation thought is construct thousands of tiny little fibreglass wires surging with information connected to a brain kept in formalin         pluck these wires [like strings] their music will make you feel isolated & free       Jonas van de Poel is a poet and student currently finishing his BA degree in English Language and Culture at the University of Amsterdam. He co-founded the Amsterdam Writers Guild, and aspires to become philosopher-king-poet and unacknowledged legislator of the yet to be founded Republic of Amsterdam. Amsterdam Writers Guild: Founded in 2013 by a group of students at the University of Amsterdam (UvA), the Amsterdam Writers Guild (AWG) has grown out to become an essential and vital part of the city’s literary community. As a self-sufficient organization of eager and aspiring writers, the main objective of the AWG is to expand upon, and bolster, Amsterdam’s literary tradition, taking a grassroots, horizontal approach to the promotion of creative writing. Free of charge, and available to everyone, the Guild organizes a variety of events, such as workshops, guest lectures, readings, poetry contests and short story competitions. Twice a year, the AWG publishes their own literary journal, the DAWG Review, online. Comprised of work by its members, this journal features texts in English, in Dutch, poetry, prose, and anything in between. In the first half of 2015, the Guild has organized events that featured the amazing American poets Kiki Petrosino and Steven Toussaint, Man Booker Prize winner Eleanor Catton, dr. Kristine Johanson and Hannah Kousbroek of the UvA, published the third volume of the DAWG Review, and hosted its annual Poetry Contest at Bar Bukowski. Find the AWG online at www.amsterdamwritersguild.com